MITSWA 5

SEFER HAMITSWOT VAN DE RAMBAM (MAIMONIDES)

Een gedetailleerde studie van de 613 geboden en verboden opgelegd door de Thora aan het Joodse volk.

Aanbevolen wordt om ook, parallel aan deze STUDIE, “De Introductie tot de Talmoed” hoofdstukken 1 t/m 4 van VAN MAIMONIDES, RABBI MOZES ben MAIMON te lezen op onze website www.bethhamidrash.org onder studies en Archief.

MITSWOT ASE

DE POSITIEVE GEBODEN

MITSWA 5

DE VERHEVENE TE DIENEN – dit gebod wordt verschillende malen herhaald, namelijk (Exodus 23:25): “Hem moeten jullie dienen”, (Deuteronomium 13:5): “Hem moeten jullie dienen”, (Ibid 6:13): “Hem moeten jullie dienen “, ( Ibid 11:13 ): “Hem te dienen.”

Ofschoon dit gebod een algemeen gebod is, is er iets specifieks aan, en wel, het gebod voor gebed, zoals onze geleerden hebben verklaard (Sifré, Deuteronomium 11:13): “En Hem te dienen, dat is gebed “, en: “En Hem te dienen, dat is Thora studie.” En in de Mishna van R.Eliezer, de zoon van R.Jossi Haglili, is verklaard: “Waar zien we de institutie van gebed binnen het kader van de Mitswot? In het vers (Deuteronomium 6:13): Voor de Eeuwige, je G’D, moet je ontzag hebben, Hem moet je dienen“, en: “Dien Hem met Zijn Thora: dien Hem in Zijn Heiligdom” dit is, trachten in Zijn Heiligdom te bidden of je er naar te richten, zoals Salomon uitlegt (Koningen 1 8:23).

MITSWA 4

SEFER HAMITSWOT VAN DE RAMBAM (MAIMONIDES)

Een gedetailleerde studie van de 613 geboden en verboden opgelegd door de Thora aan het Joodse volk.

Aanbevolen wordt om ook, parallel aan deze STUDIE, “De Introductie tot de Talmoed” hoofdstukken 1 t/m 4 van VAN MAIMONIDES, RABBI MOZES ben MAIMON te lezen op onze website www.bethhamidrash.org onder studies en Archief.

MITSWOT ASE

DE POSITIEVE GEBODEN

MITSWA 4

OM TE GELOVEN IN DE VREESACHTIGHEID VAN DE VERHEVENE EN IN ZIJN ONTZAGWEKKENDHEID– niet om zich zeker en gerust te voelen, maar om bestraffing van de GEZEGENDE ogenblikkelijk te voorkomen. Zoals de VERHEVENE heeft gezegd (Deuteronomium 6:13) “Vrees de Eeuwige je G’D.”

Onze Geleerden (Sanhedrin 56a) onderzochten het vers (Leviticus 24:16) ” ‘Wie de naam lastert [nokev] moet gedood worden’– misschien verwijst ‘nokev’ alleen maar naar het noemen van Zijn naam, zoals is geschreven in het vers Numeri 1:17 ‘met name’ [nikvoe], de vermaning zou dan zijn ‘Vrees de Eeuwige je G’D’!”

Misschien refereert het vers simpel en alleen naar het noemen van de naam van de Eeuwige, zonder het te lasteren.

En als je je afvraagt wat is de zonde, zou het antwoord zijn, dat degene daardoor op den duur de vrees annuleert, waardoor een vreesloos gedrag zou kunnen ontstaat voor het niet zinloos noemen van de naam de Eeuwige.

Verder is het zo dit een ase (positieve) aanmaning is, een ase aanmaning wordt niet als een vermaning beschouwd. Je kunt niet “Vrees de Eeuwige je G’D”poneren, want het is een opdracht, een ase is niet hanteerbaar als vermaning.

Het is dus zonder meer duidelijk dat “Vrees de Eeuwige je G’D” een ase is.

MITSWA 3

Aanbevolen wordt om ook, parallel aan deze STUDIE, “De Introductie tot de Talmoed” hoofdstukken 1 t/m 4 van VAN MAIMONIDES, RABBI MOZES ben MAIMON te lezen op onze website www.bethhamidrash.org onder studies en Archief.

MITSWOT ASEDE

POSITIEVE GEBODEN

MITSWA 3

LIEF TE HEBBEN, DE VERHEVENE – over Zijn mitswot, Zijn opdrachten en Zijn handelen, na te denken, nauwkeurig weer te geven en in detail te onderzoeken, om in staat te zijn Hem te begrijpen en om de uiteindelijke vreugde van dit begrip te ervaren. Dit is de liefde die op ons rust.

Zoals onze geleerden hebben verklaard (Sifré, Deuter. 6:6): “Het is geschreven (Deuter. 6:5): “Je moet van de Eeuwige, je G’D houden.” Maar hoe heeft men G’D lief? Daarop vervolgt het vers (Ibid.6): “Neem deze woorden [van de Thora] ter harte”– Want door deze woorden zul je Hem zien, die door spraak, de wereld tot existentie bracht”

Dit maakt duidelijk dat nauwkeurig onderzoek leidt tot begrip, besef; dit overlaad je met vreugde, met als resultaat, liefde. En zij zeiden ook [de Geleerden] dat deze mitswa de oproep inhoudt dat alle mensen de Verhevene zullen dienen en in Hem zullen geloven. Want als je van iemand houdt, wil je hem loven en prijzen en ook anderen oproepen om van Hem te houden zoals je zelf doet. Als je Eeuwige in waarheid lief hebt, door wat je uit Zijn waarheid hebt begrepen, zul je ongetwijfeld de eenvoudigen en de onwetenden oproepen voor de kennis van de waarheid die jij reeds beseft.

Zoals onze geleerden hebben verklaard (Sifré, Deuter. 6:5): ” Je moet van de Eeuwige, je G’D houden– maak Hem geliefd bij de mensen, zoals Abraham je vader, zoals is geschreven ( Gene. 12:5 ): en de personen die zij in Charan verworven hadden [m.a.w. de mensen die zij hadden bekeerd om G’D te eren].”

De intentie is om zoals Abraham te worden. Omdat hij de Eeuwige lief had, zoals het schrift getuigt (Jesaja: 41:8) “het zaad van Abraham die Mij lief had,” door zijn intensiteit van begrip en besef, riep hij andere vanuit ’n overvloed van liefde op tot geloof. Ook jij kunt Hem lief hebben, zodat je anderen tot Hem oproept.

MITSWA 2

Aanbevolen wordt om ook, parallel aan deze STUDIE, “De Introductie tot de Talmoed” hoofdstukken 1 t/m 4 van VAN MAIMONIDES, RABBI MOZES ben MAIMON te lezen op onze website www.bethhamidrash.org onder studies en Archief.

MITSWOT ASEDE

POSITIEVE GEBODEN

MITSWA 2

TE GELOVEN DAT G’D ÉÉN EN DEZELFDE ONDEELBARE EENHEID IS. Te geloven dat de Maker van de schepping en haar Eerste Oorzaak éen zijn, zoals de Verhevene heeft gezegd (Deuteronomium 6:4): ” HOOR, JISRAËL, DE EEUWIGE IS ONZE G’D, DE EEUWIGE IS ÉÉN.” In de meeste midrashiem vind je uitdrukkingen als: “om Mijn naam éen te maken,” “om mij éen te maken” en vele andere van die aard. De intentie hier is, dat Hij ons uit het slavenhuis nam en wat Hij ons verleende, alleen deed uit barmhartigheid en liefdadigheid, omdat we zullen geloven in de ÉÉNHEID, als onze verplichting. Op vele plaatsen wordt hier naar verwezen als “mitswat jichoed” [de mitswa om G’D als één te zien].

Deze mitswa refereert ook aan “het Koninkrijk van de Hemel,” als we zeggen: “om op te zich te nemen het juk van het koninkrijk van de hemel” (zie Barachot 13a) dat houdt in, erkenning van Zijn éénheid en er in te geloven.

Sefer Hamitswot – MITSWA 1

Uitgelicht

Aanbevolen wordt om ook, parallel aan deze STUDIE, “De Introductie tot de Talmoed” hoofdstukken 1 t/m 4 van VAN MAIMONIDES, RABBI MOZES ben MAIMON te lezen op onze website www.bethhamidrash.org onder studies en Archief.

MAIMONIDES

SEFER HAMITSWOT

De 613 mitswot werden aan Mozes gegeven op de berg Sinaï samen met hun algemene grondprincipes, bijzondere karakteristieken en details. Deze algemene grondprincipes, bijzondere karakteristieken en details representeren de Mondelinge Wet, welke elk gerechtshof ontving van het vorige gerechtshof.

Er werden, na het geven van de Thora, ook andere geboden ingesteld. Zij werden ingesteld door de Profeten en Wijzen en opgelegd aan geheel Israël. Elk van deze geboden bevatten eveneens verklarende aspecten en details. Dit alles zal in deze tekst worden uitgelegd.

We zijn verplicht om al deze geboden te accepteren en in acht te nemen die de Rabbijnen hebben geïnstitutionaliseerd, [zoals wordt geïmpliceerd door Deuteronomium 17:11]: “Volgens de verklaring van de Thora die zij je instrueren en volgens het vonnis dat zij je zullen opleggen moet je handelen; wijk niet naar rechts noch naar links af van de uitspraak die zij je mededelen”.

Zij worden niet als toevoeging gezien aan de geboden van de Thora. Wat de intentie van de Thorawaarschuwing is (Deuteronomium 13:1): …voeg er niets bij, en neem er niets af.

MITSWOT ASE

DE POSITIEVE GEBODEN

MITSWA 1

TE GELOVEN IN HET G’DDELIJKE. Te geloven dat er een oorzaak en een reden is, welke de Maker is van al het geschapene, zoals de Verhevene heeft gezegd (Exodus 20:2, Deuteronomium 5:6): “Ik ben de Eeuwige, je G’D.”

En onze wijzen hebben verklaard (Makkot 23a): Zes honderd en dertien mitswot waren gegeven en verklaard aan Mozes op de Sinaï. Waarvan is dit afgeleid? (Deuteronomium 33:4): de Thora die Mozes ons heeft opgedragen.” De numerieke equivalent (gematria) van de Thora is 613. Dan vragen zij: “Is dit de gematria van de Thora? Is het niet 611?” En zij antwoordden: “Ik ben de Eeuwige jullie G’D” en “Laten er geen andere goden voor je zijn naast Mij” werden gehoord vanuit de mond van de Almachtige. Het is dan duidelijk dat “Ik ben de Eeuwige jullie G’D”en “Laten er geen andere goden voor je zijn naast Mij” werden gehoord vanuit de mond van de Almachtige.” in de 613 mitswot is inbegrepen en dat het een gebod is om te geloven, zoals we hebben uitgelegd.