WAT HOUDT HET IN “SPREUKEN DER VADEREN” OF “ETHIEK VAN ONZE VADEREN”?

“HIJ DIE WENS EEN CHASSIED TE WORDEN MOET DE WOORDEN VAN AWOT VERWERKELIJKEN”

 

TALMOED, BAVA KAMMA 30A

 

 OVERDRACHT VAN ETHIEK

 Bovenop de Berg Sinai, tijdens de veertig dagen en nachten, onderwees G’D aan Mozes de hele Thora. De Thora was een tweedelige studie: de “Geschreven Thora”, weergegeven en opgeschreven in de Vijf Boeken van Mozes (en later inhoudelijk uitgebreid tot alle 24 boeken van de Heilige Schrift), en de “Mondelinge Thora”, een mondelinge uitleg en commentaar op de Geschreven Thora. De Mondelinge Thora werd gedurende vele generaties mondeling doorgegeven van leraar aan student. In de 2e eeuw n.d.g.j., vreesde Rabbi Jehoeda Hanasie dat de Mondelinge Thora zou worden vergeten tenzij deze werd opgeschreven. Dus stelde hij de grondbeginselen samen en verzamelde die in een zesdelig werk genaamd de Mishna.

De Mishna bevat 63 delen (traktaten) die alle gebieden van het Joods Recht bespreken: agricultuur, feestdagen, civiel en crimineel recht, huwelijkswetten, offerwetgeving, cultische rituele onreinheid, en veel meer. Een van de traktaten echter is compleet gewijd aan Joodse moraal, waarden en ethiek. Dit traktaat wordt Awot genoemd, letterlijk vertaald als “Vaders”.

 

ZOMERSTUDIE

  Het is gebruikelijk om Pirkei Awot (de “hoofdstukken van de Vaders”) te bestuderen op de Shabbatten tussen de feestdagen van Pesach en Shavoe’ot, de zeven weken van de Omertelling.

Velen volgen het wekelijkse hoofdstuk ritme gedurende de zomer maanden.

Pirkei Awot bevat zes hoofdstukken en er zijn zes Shabbatten tussen Pesach en Shavoe’ot.

Elke Shabbat, gewoonlijk na het middag Mincha gebed, bestuderen we een hoofdstuk. Nadat de Joden Egypte hadden verlaten, begon een periode van zelfverbetering en karaktervorming. Dit was cruciaal opdat zij waardig bevonden zouden worden de Thora te ontvangen op Shavoe’ot. Tijdens het Tellen van de Omer , proberen we om ons karakter te verbeteren. Om dit doel te kunnen bereiken, bestuderen we Awot, het traktaat dat is gewijd aan vroomheid, nederigheid, goedheid en ethica.

 

PROLOOG

 Velen continueren dit wekelijkse hoofdstuk ritme gedurende de zomer maanden tot aan Rosh Hashana. De zomer is algemeen een tijd waarin mensen actiever zijn, op vakantie gaan en maat al te vaak hun morele en religieuze standaard verlagen.

Het wekelijkse Awot hoofdstuk houdt ons sterk en gezond en stelt ons in staat het hoofd te bieden aan de morele uitdagingen die zich voordoen tijdens de zomermaanden.

Er is een rijkdom aan commentaren op Pirkei Awot, waarvan we er gedurende deze periode enkele zullen publiceren.

De Nederlandse tekst van Pirkei Awot is in zijn geheel afgedrukt in de siddoer,  gebedenboek, uitgegeven door het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap Amsterdam.

 

Voor het bestuderen van het wekelijkse hoofdstuk van Pirkei Awot, is het gebruikelijk om de volgende paragraaf van de Mishna te zeggen:

Sanhedrien 10,1. “Heel Israël heeft aandeel aan de wereld, die eens komen zal want er is gezegd: Alle rechtvaardigen van uw volk zullen voor eeuwig, het land van leven, in bezit houden, een stekje dat Ik plantte met eigen handen, waar Ik Mij op kan beroemen (Jesaja. 60,21).”

 Zoals kan worden verwacht zijn er vele redenen gegeven voor de keuze van deze passage als inleiding op de wekelijkse Ethische Spreuken van de Vaderen. Hier volgen er enkele:

 

Grotendeels handelen de traktaten van Pirkei Awot over intermenselijke relaties.

Iedereen groeten met een glimlach, het openen van iemands huis voor de behoeftigen, het respecteren van geleerden, etc. Dit kan soms moeilijk zijn, gezien het feit dat onze mede mensen soms ver van volkomen schijnen te zijn, of zelfs maar fatsoenlijk.

 

Ongeacht iemands uiterlijke voorkomen, “Elke Israëliet heeft een deel in de Komende Wereld…..”Dit is waarom we de studie vooraf laten gaan door een gezegde dat ieders individuele intrinsieke waarde benadrukt. Ongeacht iemands uiterlijke voorkomen, “Elke Israëliet heeft een deel in de Komende Wereld…..” omdat van “Uw volk allen rechtvaardig zijn.”

 

EPILOOG

 Na de studie van een hoofdstuk, wordt gewoonlijk de volgende Mishna passage gereciteerd:

 

Makkot 3, 16. “Rabbi Channanja ben Akasha zegt: De Heilige die geprezen wordt, wilde Jisrael verdienstelijk maken; daarom gaf Hij hen veel Thoravoorschriften. Want er is gezegd: De Eeuwige wil graag, om hem, Jisrael, de hoogste graad van overvloed  geven, de Thora steeds groter en prachtiger maken (Jesaja. 42,21).

 

Het Hebreeuwse woord voor “verdienstelijk”, lizakot, kan ook “ verbeteren, zuiverder  worden” betekenen. Als zodanig kan Rabbi Channanja’s uitspraak ook betekenen dat G’D ons de Thora gaf om ons verbeteren. En voor dat doel gaf Hij ons een omvangrijke Thora en vele mitzwot, en elke mitzwa heeft de kracht om ons op een unieke wijze te verfijnen.

 

Hoewel de hele Thora is bedoeld om ons te zuiveren, verbeteren, is dit traktaat een van de meest directe toegewijd aan dit streven.

Geef een reactie