Zohar, Bereshiet / Genesis – VOORWOORD & ZOHAR

ZOHAR, BERESHIET / GENESIS

VOORWOORD EN TOESTEMMING
RABBI DR. J. IMMANUEL SCHOCHET
PROFESSOR FILOSOFIE HUMBER COLLEGE,TORONTO

De Zohar is algemeen bekend als de “Bijbel van de Kabbala”. Zijn eminente plaats in het Joodse esoterisme is niet afkomstig door zijn ouderdom. Andere basiswerken van de Kabbala, zoals Sefer Yetzira en Sefer Habahir zijn van eerdere origine. De importantie van de Zohar moet eerder worden toegeschreven aan zijn allesomvattendheid, waardoor het de bron werd voor praktisch alle latere Kabbalistische leringen van de school van R. Isaak Luria en anderen.

Het auteurschap van de Zohar is terug te voeren naar Rabbi Shimon bar Jochai (bekend onder het acroniem Rashbi), de tweede eeuw Tanna (Mishna-geleerde) die de centrale meester is in de Zohar.

Dit betekent niet dat Rashbi de werkelijke schrijver is van de Zohar. In werkelijkheid had hij een schrijver, Rabbi Abba, die zijn leringen optekende.1 Dat neemt niet weg dat de Zohar zelf zijn openbaringen van de Thora-mysteries toeschrijft aan R. Shimon bar Jochai en zijn Chevraja, m.a.w. zijn naaste geassocieerden:2 zijn zoon R. Eleazar; zijn schrijver R. Abba; R. Jehoeda; R. Jossie ben Jaakov; R. Chizkija; R. Chiya; R. Jossie; en R. Jaakov bar Idi. 3

Vroege bronnen verklaren dat de samenstelling van de Zohar zich uitstrekt over de periode van Rashbi, zijn discipelen en die hun discipelen.4 De huidige vorm van de Zohar, in de orde van de parshiyot van de Thora, is van veel latere datum, d.w.z. meest waarschijnlijk van de periode van Geoniem, met sommige interpolaties van deze late editoren.5 De Zohar was vele eeuwen esoterisch, zoals �berhaupt de studie van de Kabbala beperkt en alleen toegankelijk was voor een selecte groep van gekwalificeerde enkelingen. Pas in de dertiende eeuw werd het meer openbaar, met het naderen van de periode van de mystici met betrekking tot Ikveta deMeshicha, de periode die voorafgaat aan de komst van het Messiaanse tijdperk.6 Wat al was aangeven in de Zohar zelf, dat het Rashbi en zijn chevraja toegestaan werd om de Thora-mysteries te openbaren, maar met dien verstande dat dat niet eerder zou gebeuren dan bij het naderen van het Messiaanse tijdperk. En inderdaad, de openbaring en studie van de Zohar zal een katalysator zijn om de Messiaanse verlossing te verhaasten en naderbij te brengen.7 Het is aldus in deze tijdsperiode niet alleen toegestaan, maar zelfs ook verplicht om pnimiyoet haThora, de esoterische dimensie van de Thora te bestuderen. 8

NOTEN:

1. Zohar II:123b, zie ook ibid. III:287b and 296b.

2. Tikunei Zohar 1a; Zohar Chadash, Tikunim, 93d.

3. Zohar II:152b; ibid. III:127b en 287b. 4. R. Abraham Zaccuti, Sefer Yuchassin.

5. R.Abraham Galanti, (discipel van R.Moshe Cordovero), commentaar op de Zohar I:168a, in Or Hachamah, Bereishit, p.159b. 6. Zie R.Abraham Azulay, Introductie op Or Hachamah.

7. Zohar III:124b.

8. R.Chaim Vital, Sefer Hagilgulim, hfs

HET IS HOOGST AAN TE BEVELEN OM PARALLEL AAN DEZE STUDIE, DE CONCEPTEN EN DOCTRINES VAN KABBALA TE BESTUDEREN OP ONZE WEBSITE WWW.BETHHAMIDRASH.ORG IN HET ARCHIEF ONDER KABBALA EN CHASSIDISME.

ZOHAR

1:1 BERESHIET BARA ELOKIEM ET HASHAMAJIEM WE ET HAARETS – IN HET BEGIN SCHIEP G’D DE HEMEL EN DE AARDE

Onze geleerden verklaren dat de wereld was geschapen met tien uitlatingen49 die verspreid waren over zes dagen van de schepping. Ondanks dat er maar negen uitlatingen schijnen te zijn, concluderen de geleerden dat bereschiet (“In het begin” ) ook een uitlating is, alhoewel het niet expliciet voorafgaat met de woorden “wejomer Elokiem”, “En G’D zei”… 50 De volgende passage verklaart deze idee�n.

KLEIN-CURSIEF GEDRUKTE TEKST IS EEN VERKLARING VAN DE ZIN WAAR IN HET STAAT, DE TEKST VAN DE ZOHAR VERVOLGT ZICH IN DE NIET CURSIEF GEDRUKTE LETTER.

Rabbi Abba zei: De hogere werelden zijn verhuld en alles wat is geassocieerd met de hogere wereld is ook verhuld, omdat zij allen een deel zijn van het sublieme mysterie van de dag, welke alle andere dagen inhoudt, d.w.z alle negen uitlatingen verspreid over de zes dagen van de schepping, zijn in de eerste uitlating Bereshiet “In het begin” inbegrepen.51 In dit stadium, is de schepping nog niet gematerialiseerd. Echter, wanneer de Heilige geprezen zij Hij, de schepping tot zichtbare existentie brengt, doet Hij de zes dagen van de schepping voortkomen,52 tijdens het tot standkomen van de fysieke schepping. Op dat moment, ging aan elk van de negen uitlatingen vooraf “En G’D zei.”, waardoor de schepping tot stand kwam. Maar aangezien de hogere wereld verhuld is en alles wat ermee is geassocieerd ook, “verklaart het vers alleen Bereshiet, en wordt het niet vooraf gegaan door “G’D zei”.

Dat het woord Bereshiet alle zes dagen van de schepping bevat kan gezien worden van het woord zelf, welk verdeeld kan worden in twee woorden Bere “Hij schiep” shiet “Zes”.53 Desondanks, terwijl Bereshiet nog steeds de zes dagen van de schepping bevat noemt het vers niet wie hen heeft geschapen, omdat dit refereert aan de verhulde hogere wereld welke verborgen blijft voor de geschapen wezens van de lagere werelden54 en daarom wordt Bereshiet, “In het begin” niet vooraf gegaan door “En G’D zei”.

Later, wanneer Hij kiest om de bestaande negen uitlatingen door welke de wereld was geschapen gedurende de zes dagen van de schepping openbaart en articuleert, wordt verklaard wie hen heeft gecre�erd Bara Elokiem Et Hashamajiem We Et Haarets “G’D Schiep De Hemel En De Aarde,”want dit refereert aan de geopenbaarde werelden. Daarom verklaart het vers Bara Elokiem – Zijn naam, Elokiem, is geopenbaard55

Echter, de hogere wereld zinspelend naar het woord Bereshiet, welke voorafgaat aan de materiele schepping blijft verhuld en ongespecificeerd wie het heeft geschapen, omdat het refereert aan de verhulde hogere wereld.

De lagere wereld is geopenbaard, zodat de daden van de Heilige geprezen zij Hij altijd zijn opgebouwd uit twee niveaus, verhulling en openbaring. Dit is het mysterie van de Heilige Naam, die zowel verhulling en openbaring is. De intentie is om te laten zien dat alles in de geopenbaarde wereld voorafgaat aan en afhangt van, de hogere wereld, hun bron.

(Zohar vol.1 39b)

NOTEN:

49. Avot 5:1

50. Rosh Hashana 32a; Megillah 21b; Zohar 15a, 30a.

51. Zohar, Hashmatot, p.256b; Zohar, Midrash HaNeélam, Bereishit. Zie ook Avot ibid en commentaren; Rashi, Bereishit 1:14, Ramban, Bereishit 1:1.

52. Mikdash Melech.

53. Dit wordt verklaart op talrijke plaatsen in de Zohar, eg: Zohar Vol.I, 15b, 24a, 56a; Tikkunei Zohar, Tikkun 11, 69, etc.

54. Or Hachama.

55. Zohar, Midrash HaNeélam, Noach.

Geef een reactie