SOEKOT, LOOFHUTTENFEEST

HET IS HOOGST AAN TE BEVELEN OM OOK DE GEDETAILLEERDE UITLEG OVER SOEKOT TE BESTUDEREN OP ONZE WEBSITE www.bethhamidrash.org ONDER ARCHIEF, LEZINGEN EN ARTIKELEN.

SOEKOT

LOOFHUTTENFEEST

G’D DIENEN MET VREUGDE

Deze verhandeling levert een origineel concept op vanuit een gedetailleerde analyse van Maimonides’ tekstuele formalisering in Mishné Thora van de mitswa van “vreugde” op Soekot in de Heilige Tempel.1

Hij geeft aan dat, in essentie, de verplichting van ” Verheugen jullie je vóór de Eeuwige, jullie G’D”2 niet een gesepareerde mitswa is, maar eerder een intensivering van de algemene verplichting van simcha, wat gerelateerd is aan alle Joodse Feestdagen, zoals is aangegeven in het vers “En je zult blij zijn op je feestdagen”.3 Inderdaad, in zijn Sefer Hamitswot, telt Maimonides de simcha van Soekot als een gesepareerde opdracht, maar brengt het onder de algemene verplichting van “En je zult je blij zijn op je feestdagen”.4

DE IDENTITEIT VAN DE FEESTVIERDERS

Maimonides schrijft5 met betrekking tot Simchat Beit Hasho’eiva, de speciale feestviering die plaatsvond in de Tempel:

Het verhogen van de feestvreugde in het onderhouden van de feestelijkheid is een mitswa op zichzelf. Dit werd niet gedaan door ongeletterden, de participanten waren eminente Joodse geleerden, hoofden van Talmoedacademiën en de Sanhedrin gerechtshof, mannen van piëteit, oudsten en rechtschapen mannen. Het waren die personen die dansten, klapten, zongen en de feestvreugde aanmoedigden in de Heilige Tempel gedurende het feest van Soekot. Echter de meerderheid van de bevolking, vrouwen en mannen kwamen om het te zien en te horen.

De bron van Maimonides’ beschrijving is de Mishna, die enkel twee groepen vermeldt: “De mannen van piëteit en mannen van rechtschapen daden die dansten voor al de verzamelden.”6

De Talmoed voegt er een derde groep aan toe, de Baalei teshoewa, personen die terugkeren naar vroomheid.7

Maimonides, in zijn uitspraken, voegt personen toe die ogenschijnlijk niet in de Mishna worden aangehaald. Daarentegen vermeldt hij niet de Baalei teshoewa, die wel expliciet in de Talmoed worden aangehaald.

Maimonides gaat vervolgens aldus verder:

De vreugde die een persoon ervaart in het doen van mitswot en in de liefde voor G’D, die de mitswot heeft opgelegd, is een diepzinnige dienst aan G’D.

Een ieder die zichzelf tot bescheidenheid en nederigheid dwingt, zijn fysiek wezen tot een licht maakt, is een onderscheiden geëerd persoon die G’D dient op het niveau van liefde.

Zo deed Koning David, die daarbij uitroept (gezien zijn hartstochtelijk dansen voor de Heilige Ark): “En ik zal mijzelf tot een licht maken vanuit een grotere hoogte, door mijzelf nederig te zien”8

Het gebod voor een “toename van vreugde” is in essentie niet een afzonderlijk gebod, maar eerder een verhoging van het algemene gebod van vreugde op Soekot. Dus het expressieve gevoel van vreugde is afhankelijk bij een persoon door het niveau van hem of haar.

Het is om die reden dat deze eminente personen een hoger spiritueel niveau hebben bereikt met het betuigen van piëteit, uitmondende in een bezield levendige manier van “dansen en klappen,” etc, terwijl de “gehele bevolking, mannen en vrouwen, hun vreugde uitdrukken door te komen kijken en luisteren.”

CHAG SAMEACH.

Noten:

1. Maimonides: Hilchot Loelav 8:12

2. Leviticus 23:40 on Sukkot

3. Deuteronomy 16:14

4. Maimonides: Sefer Hamitzvot, Positive Commands, Mitzwa 54. Zie ook Maimonides Hilchot Yom Tov 6:17.

5. Hilchot Loelav 8:14

6. Sukka 51a.

7. Sukka 53a.

8. Samuel II 6:22

Geef een reactie