SOEKOT – LOOFHUTTENFEEST

RABBI JITZCHAK LURIA

 Van de vele mitzwot verbonden aan de feestdag van Soekot, is misschien het meest opvallende de eigenlijke structuur van de Soeka (hut) in welke wij alle feestdagen verblijven en waarnaar het feest is genoemd. Hoewel de expliciete reden voor het bouwen van de Soeka is, om te herinneren aan de miraculeuze uittocht uit Egypte en G’D’s bescherming tijdens de reizen door de Sinaï woestijn, verklaart de Ari dat, op de juiste manier geconstrueerd, de Soeka dient als een model van de spirituele werelden en een kanaal voor verruimend bewustzijn, een kanaliserende G’ddelijke vrijgevigheid in de Lagere Sferen.

 Een belangrijk element voor een geldige Soeka is de “schach”, de dakbedekking, gemaakt van organische natuurlijke materialen welke rusten op de wanden. Chassidische literratuur leert dat zowel de woorden “Soeka” en “schach” verwijzen naar de uitdrukking “beseffen” [Hebreeuws, “sochei” met G’ddelijke inspiratie], welke gebruikt wordt in de beschrijving van onze matriarche Sara, ook bekend als “Isca” (van de zelfde stamletters).

 De Ari leert dat deze connectie tussen schach en G’ddelijke inspiratie, profetie of enig andere verruimend bewustzijn allesbehalve bijkomstig is.

In feite, de schach van een koshere Soeka in het bijzonder dient als een medium door welke wij hemelse wijsheid en begrip absorberen.

Kabbala reikt niet alleen voorbeelden aan van spirituele realiteiten in de celestiale werelden, maar dat ook wij een actieve rol kunnen spelen in hun manifestatie in Deze Wereld. In de Soeka functioneren wij in de rol van de partzoefiem van Zeir Anpin en Noekva, gelijk een onvolwassen zoon en dochter (of kuikens in een nest), en de schach functioneert als een interface met de partzoef van Imma, de verzorgende “moeder”, niet verschillend van “onze moeder” Sara, zwevend over haar jongen in haar nest, toekennend wijsheid en begrip, en hen de mogelijkheid geeft om tot volwassenheid te komen, en hen een glimp te laten opvangen van het universum van uit haar verheven perspectief.

 

SOEKOT, ZEVEN HEMELSE GASTEN

De Zohar vertelt ons dat de “Ushpizien,” (letterlijk, invitatie om plaats te nemen), de zeven “Herders” van het Joodse Volk, iedere Jood in zijn Soeka bezoekt, elke nacht een ander. En elk van hen is een paradigma voor één van de zeven G’ddelijke eigenschappen.

1e dag – Abraham – chesed

2e dag – Isaac – gevoera

3e dag – Jacob – tiferet

4e dag – Mozes – netzach

5e dag – Aaron – hod

6e dag – Josef – jesod

7e dag – David – malchut

Aan Rabbi Menachem Mendel van Kotsk, werd eens verteld dat een zekere tsadiek elk jaar alle zeven Ushpizien in zijn soeka ziet. De Kotsker antwoordde: “Ik zelf zie ze niet, maar desondanks geloof ik de verklaring van onze Wijzen ,in zaliger nagedachtenis, dat zij naar elke Soeka komen. En door dit te geloven, zie ik meer dan zij doen met hun ogen!”

GOED JOM TOV



Geef een reactie