ROSH HASHANA

DAG VAN HET GERECHT?

ROSH HASHANA 5765 – HET JOODSE NIEUWJAAR 2004/2005

Om dit te kunnen begrijpen moeten we eerst de betekenis en de essentie van Rosh Hashana weten.
Rosh Hashana correspondeert met de zesde dag van de Schepping. De wereld was geschapen op de 25e van de maand Elloel1, Rosh Hashana, welke valt op de eerste dag van de maand Tishri, is de zesde dag van de Schepping, de dag dat Adam, de eerste mens, was geschapen. De vraag is: Waarom wordt Rosh Hashana [welke aan de Schepping herinnert] gevierd op de dag dat Adam werd geschapen, en niet op de 25e Elloel, de eerste dag van de Schepping? Een andere vraag: Rosh Hashana is de Dag van het Gerecht. Waarom wordt het gegeven van de Dag van het Gerecht, niet expliciet (in de beschrijving van Rosh Hashana) door de Thora aangegeven, m.a.w dat Rosh Hashana het begin van het jaar is ten opzichte van het oordeel. De Thora zegt slechts: "In de zevende maand zal het voor jullie op de eerste dag van de maand een dag van werkonthouding zijn, een herinnering door bazuingeschal, een oproep tot bijzondere wijding."2
Het zijn de geleerden die afleiden dat de eerste dag van Tishri het begin van het jaar is en de dag van het gerecht. Zij leiden dit af van het vers, "De ogen van de Eeuwige zijn voortdurend erop gericht (het Land Israël), van het begin van het jaar tot aan het einde ervan,"3 wat zij interpreteren als: "In het begin is beslist hoe het op het einde zal zijn."4 Verder staat geschreven: "Blaast de Shofar bij de nieuwe maan… want het is een decreet voor Israël, een oordeel…"5 zoals is uitgelegd in de Talmoed ( eerste hoofdstuk Rosh Hashana, aan het eind van 8a ). Waarom is het een feit dat Rosh Hashana het begin van het jaar is en de Dag van het Gerecht niet expliciet wordt genoemd in de Thora?

Om het bovenstaande volledig te begrijpen hebben we een uitleg van de geleerden nodig uit Midrash Rabba 6 : In eerste instantie, dacht G’D de wereld te scheppen met de Eigenschap van Justitie. Vandaar het vers, "In het begin schiep Elokiem (G’D)…"7 Elokiem is de Naam van G’D die geassocieerd is Recht. Maar Hij zag dat de wereld dit niet kon doorstaan, Hij verbond het met de Eigenschap van Barmhartigheid. Vandaar het vers, Dit is de geschiedenis van hemel en aarde op de dag dat Havayah Elokiem (Eeuwige, G’D) de aarde en de hemel schiep8 met ook het vermelden van de Naam Havayah, dit is de informele vorm van het onuitsprekelijke Tetragammaton, J-H-V-H, de Naam die geassocieerd is met de eigenschap van barmhartigheid.
We moeten ons ervan bewust zijn dat G’D de bron is van alle goedheid en liefdadigheid. Waarom dacht Hij dan in eerste instantie om de wereld te creëren met de Eigenschap van Justitie, en alleen, omdat Hij zag dat de wereld het niet kon verdragen, verbond met de Eigenschap van Barmhartigheid?
Als, "de aard van de benevolent is om goed te doen," waarom is de wereld dan niet in eerste instantie met de Eigenschap van Barmhartigheid geschapen?
Vooral omdat, in essentie, de beweegreden voor het scheppen van de wereld, barmhartigheid was.9
Midrash Rabba10 geeft het bovenstaande weer met een parabel:
Er was eens een koning die zeer fragiele kelken bezat (dit is de versie van Aroech, een fameuze Talmoedisch lexicon). De koning zei, "Als ik ze vul met warme vloeistof zullen ze breken. Maar als ik ze vul met een koude vloeistof, heim makrisin, zullen zij verdikken." (Arouch vergelijkt makrisin met de expressie jajin shehikris, verdikte wijn, hikris betekent verdikken, stremmen.)
Dus met koud zullen zij verdikken betekent dat de koude substantie het omhulsel zal verdikken en stollen, dit brengt een bepaalde mate van verontreiniging. De koning besloot om het koude en het warme te vermengen, schonk het in de kelken en zij bleven intact.
Zo ook zei de Heilige die Geprezen zij: "Als Ik de wereld creëer met de Eigenschap van Barmhartigheid, chetyoha sagiin (zullen zonde en zondaars overvloedig aanwezig zijn, aangezien zij niet eerlijk worden bestraft, Matnot Kehoena. Maar als Ik de wereld creëer met de Eigenschap van Justitie, hoe zal de wereld dit kunnen doorstaan? Nu, Ik zal de wereld scheppen met beide, de Eigenschap van Justitie en de Eigenschap van Barmhartigheid, moge hiermee de wereld voortduren!"

Noten:
1. Wajikra Rabba, hfd. 29, Tosafot Rosh Hashna 8a
2. Levitticus. 23:24
3. Deuteronomium.11:12
4. Jasaja. 46:10
5. Psalm.81:4
6. Rashi Genesis 1:1, Midrash Rabba 12:15 ibid 14:1
7. Genesis. 1:1
8. Genesis. 2:4
9. Micha 7:18
10. Hfd. 12

DE BETEKENIS EN BELANG VAN DE SHOFAR

De diepere betekenis van het shofar blazen is, om Teshoewa (inkeer, terugkeer) te inspireren, welke een mitzwa is, die alle andere mitzwot te boven gaat. Dus zelfs als iemand, G’D behoede, onachtzaam is in het vervullen van Thora en mitzwot , kan remediëren door Teshoewa, aangezien niets in zijn weg staat, en direct vergeving van zonden teweegbrengt. Om die reden is het dat Teshoewa, welke in feite de diepe betekenis is van Shofar, alle andere mitzwot te boven gaat.

Bovendien: Alle toevloed van G’ddelijke energie* voor het hele jaar, de spirituele voor het vervullen van Thora en mitzwot over het gehele jaar, als ook de fysieke toevloed, m.a.w de stroom van levenskracht voor de werelden, worden teweeg gebracht door het blazen van de shofar.
(Als beschreven in de Zohar en de geschriften van de AriZal)

* De levenskracht ingekapseld in het hoofd (brein) vloeit door het zenuwstelsel naar de organen. Dus alle mentale en fysieke capaciteiten zetelen in potentie in de hersenen. Vergelijkbaar wordt Rosh HaShana, letterlijk, "hoofd van het jaar" gezien, in de zin van de levenskracht voor het gehele jaar.]

LESHANA TOVA OEMESOEKA – EEN GOED EN ZOET JAAR

Geef een reactie