PESACH 5770

DOORBRAAK NAAR VERLOSSING

DE LUBAVITCHER REBBE

Als we kijken naar het vers, “Zoals in de dagen van jullie Uittocht uit Egypte, zal Ik jullie wonderen tonen” (Micha. 7:15), rijzen er twee vragen. Ten eerste, dit vers is een van de weinige gevallen waarin de Uittocht uit Egypte wordt beschreven in het meervoud als “dagen” in plaats van simpel als “dag”, zoals is geschreven in het vers, “Zodat jullie je zult herinneren de dag van jullie Uittocht”. Waarom is dit vers in het meervoud in plaats van enkelvoud?

De tweede vraag handelt over de vergelijking tussen de mirakels van de Uittocht uit Egypte in relatie tot de mirakels die zullen plaats vinden in de Uiteindelijke Verlossing. De mirakelen van de Uiteindelijke Verlossing worden vergeleken met de wonderen die het Joodse Volk zag toen zij uit Egypte kwamen, echter na de Uiteindelijke Verlossing zal er geen verbanning meer zijn, aangevend dat deze Verlossing op een hoger niveau is en meer volkomen zal zijn. De wonderen van het tijdperk van Mashiach zullen de wonderen van de Egyptische Uittocht overtreffen met een omvang waardoor, zoals sommige van de geleerden hebben gezegd, we ons in deze era niet langer de Egyptische Uittocht zullen herinneren.

Een andere mening is,  dat de Egyptische Uittocht in onze herinnering blijft omdat het deel uitmaakt van de Toekomstige Verlossing en dat het de eerste stap was in het proces van het brengen van de Verlossing. We zullen ons bovendien de eerste Uittocht herinneren, omdat de wonderen van de Uiteindelijke Verlossing vergelijkbaar zijn met de wonderen die we gezien hebben in Egypte. Het Joodse Volk was getuige van grote mirakels toen zij Egypte verlieten, maar de mirakels van de Toekomstige Verlossing zullen zich voordoen zoals die van de Egyptische Verlossing.

Wat is de spirituele oorsprong voor dit onderscheid? Toen het Joodse Volk in Egypte was, moesten zij worden verheven van de 49e poort van onreinheid (uit 50). Als we de Omer hebben geteld, verheffen we de 50 Poorten van Bina. Dit wordt aangetoond door het feit dat de Egyptische Uittocht 50 keer wordt vermeld in de Thora. De Egyptische Uittocht representeert de 50 Poorten van Bina als zij worden neergehaald door de sefira van Malchoet. De Toekomstige Verlossing zal eveneens de 50 Poorten van Bina representeren, maar deze zullen worden neergehaald door Keter die verder dan de sefirot zijn en eindigt in Atik die hoger is dan Keter. Dit is niet het externe aspect van Atik, maar de pnimiyoet, het diepste deel van het niveau dat boven alle niveau is. Dit zal resulteren in een grotere revelatie van G’D in de Era van Verlossing.

De revelatie van G’D gedurende de Egyptische Uittocht was groot, maar beperkt, aangezien het gekleed was in Malchoet. In de Era van Mashiach, zullen er geen kledingstukken zijn die de G’ddelijk Revelatie bedekken.

We keren terug naar de vraag waarom we ons in de Era van Mashiach de Uittocht van Egypte moeten herinneren, als de wonderen en de revelatie van G’D dan zoveel groter zullen zijn. De zesde Chabad Rebbe (de Frierdiger) heeft gezegd dat de Egyptische Uittocht zal worden herinnerd omdat het een soort kanaal vormt voor alle toekomstige verlossingen inclusief de Uiteindelijke Verlossing. De Egyptische Uittocht was uitzonderlijk omdat het een noodzakelijke voorbereiding was voor het geven van de Thora. Voordat de Thora was gegeven, kon niets in de wereld worden verheven naar de hogere werelden en niets kon deze niveaus betrekken in het afdalen in de wereld van actie. De mogelijkheid om de wereld te purificeren, te verheffen was een belangrijke stap naar de Uiteindelijke Verlossing, wanneer de wereld zijn Schepper zal erkennen en een verblijfplaats wordt voor het Oneindige Licht, Geprezen zij Hij.

Het antwoord op de eerste vraag, waarom in het vers, “Zoals in de dagen van jullie Uittocht uit Egypte, zal Ik jullie wonderen tonen”, “dagen” in het meervoud betekent dat alle dagen, van de Egyptische Uittocht tot aan de Toekomstige Verlossing, deel uitmaken van een proces van Egypte komen. Elke dag moet iemand nadenken over het idee dat hij uit Egypte verlaat. De Eerste Rebbe van Chabad identificeert het Lezen van het Shema als de geschikte tijd om onze persoonlijke uittocht te ervaren. De reden dat we tzitzit vermelden in het Avond Gebed, een moment dat niet is verbonden met het doen van deze mitzwa, is de passage die verhaalt van de Uittocht uit Egypte.

Elke dag laten we meer en meer beperkingen achter ons, totdat we het punt bereiken waar we alle limitaties zullen doorbreken in de Uiteindelijke Verlossing. Mashiach stamt af van Koning David, die op zijn beurt afstamt van Peretz, wat klinkt als het woord “poretz”, wat doorbreken van alle limieten betekent. Elke morgen voor het gebed is er een fysieke verbanning die ons het gevoel geeft beperkt te zijn binnen de grenzen van ons lichaam.

Het vers, “We komen van de man die roeach in zijn neusvleugels heeft. Vanwaar wordt hij waardig geacht?” Beschrijft de gelimiteerde spiritualiteit wanneer we ontwaken en de ziel alleen in de neusvleugels is. Gedurende het gebed, verspreidt de ziel zich door het lichaam, totaal de fysiekheid onderwerpend en de dierlijke ziel er toe brengend “amen” te zeggen tegen haar wil; dit is de enige weg om complete dienst aan G’D te bereiken. Zoals Koning David het formuleert, “Mijn hart is leeg in mij,” betogend dat iemand de linkerkant van zijn hart moet overwinnen voordat hij kan zeggen “Je moet van de Eeuwige, je G’D, houden….” in het Shema, en de liefde voor G’D te verklaren met beide zielen, de dierlijke en de G’ddelijke.  Idem, kwaad en het wezen van onreinheid zullen in de Era van Mashiach worden overwonnen en vervolgens getransformeerd naar het goede.

Waarom is het nodig dat we dit overwinnen? Waarom transformeren we niet simpelweg de onzuiverheid, in plaats van het eerst te overwinnen? Deze onderwerping heeft als voordeel, zoals de Alte Rebbe schrijft in de Tanja, dat iemand een ware dienaar van G’D is als hij voordurend in gevecht is met zijn natuur en het onderwerpen ervan. Het is een gevecht dat G’D’s Licht in de wereld brengt.

De situatie is gelijk aan die van een koning die al zijn kostbaarheden verdeelt onder zijn soldaten zodat zij in een oorlog kunnen strijden. In vredestijd zouden deze kostbaarheden nooit worden aangeraakt of veel minder vrij worden besteed. Deze oorlog is het gevecht met de dierlijke ziel en de overwinning brengt kostbaarheden van G’ddelijke Revelatie. Dit is een andere reden waarom de Egyptische Uittocht zal worden herinnerd in de Era van Mashiach; de dagelijkse strijd tegen de dierlijke ziel is ons individueel onttrekken aan Egypte wat ten slotte zal leiden naar de Uiteindelijke Verlossing.

Chag Semeach

Geef een reactie