PARASHOT WEZOT HABERACHA- BEREESHIET

En dit is de zegen, Deuteronomium. 33:1 – 34:12, In het begin, Genesis. 1:1 – 6:8

 

 

Rabbi Shimon bar Jochai.

 

Het verwelkomen van gasten van de Soekka.

 

Zohar, Emor bladzijde 103b.

In Chok L’Jisrael, geeft de Arizal uitleg van parashat Emor van de Zohar, welke correspondeert met parashat Zot HaBeracha.

Kom en zie, op het tijdstip, wanneer een persoon gaat verblijven in de schaduw van de soekka, welke de schaduw van het vertrouwen is, spreidt de G’ddelijk aanwezigheid Haar vleugels over hem uit en Abraham [representerend chesed], en vijf andere tsadikiem delen hun verblijf met hem.

Rabbi Aba zegt, Abraham, en vijf andere tsadikiem, en Koning David maken hun verblijf met hem. Het bewijs hier voor ligt in het “Zeven dagen moeten jullie in hutten [Soekkot] wonen” (Leviticus. 23:42).
De Tekst zegt: “Zeven dagen” en niet “gedurende zeven dagen” [verwijzend naar zeven sefirot van chesed tot malchoed]. Gelijk de manier het is geschreven “Omdat de Eeuwige in zes dagen hemel en aarde maakte.”

Dit laat zien dat de zes dagen, de zes sefirot zijn; chesed, gevoera, tiferet, netzach, hod, en jesod, welke samen, de “zes dagen” worden genoemd.
Door deze sefirot creëerde G’D de hemelen en aarde.

Dus zal een persoon door en door gelukkig moeten zijn, gedurende de dagen van Soekkot, en zijn gezicht zal vreugde moeten uitstralen in het hebben van zulke grote spirituele gasten met hem, in de Soekka. Rabbi Aba zegt dat de tekst in het eerste gedeelte van de zin, is geschreven in de tegenwoordige tijd en vervolgens, het tweede gedeelte van de zin, in de toekomende tijd: “Zeven dagen moeten jullie in hutten [Soekkot] wonen, alle ingezetenen in Israël zullen in hutten [Soekkot] wonen.”
De eerste heeft betrekking op de spirituele gasten en de tweede refereert aan mensen in deze wereld.
De eerste, referent aan de spirituele gasten, is voortgebracht door de gewoonte van Rav Hamnoema Saba: Als hij de soekka binnenging was hij blij en gelukkig [om een vreugdevolle gezichtuitstraling te tonen aan de spirituele gasten] en ging staan bij de ingang [om aan de gasten duidelijk te maken niet binnen te gaan, tenzij de huiseigenaar aanwezig is]. Dan zou hij zeggen “De gasten zijn uitgenodigd om binnen te komen.”
Vervolgens schikte hij de tafel voor zijn gasten, stond op om hen welkom te heten en sprak de zegening over de mitzwa uit “……..om in de soekka te zitten”. Naderhand zal hij tegen zijn spirituele gasten zeggen, “G’D heeft opgedragen, “Zeven dagen moeten jullie in hutten [Soekkot] wonen”.
Neem alstublieft plaats, gasten van de hogere werelden, neem plaats gasten van het vertrouwen, neem plaats.” Dan zal hij zijn handen opheffen [om zijn 10 sefirot samen te voegen, aangegeven door zijn tien vingers, met de zeven hogere sefirot die hem bezoeken] en vreugdevol zeggen, “Hoe gelukkig is ons deel, hoe gelukkig is het deel van Israël, zoals het is geschreven, “Maar het deel van de Eeuwige is Zijn volk, Ja’akov is Zijn toegemeten erfgoed.” (Deuteronomium. 32:9).

Het belang van een gezicht dat geluk uitstraalt is, dat blijdschap een mechanisme is om deze zeven sefirot te verheffen naar het niveau van Bina, en het vers brengt het nederige feit voort, dat deze gasten niet komen uit iemands individuele verdienste; maar dat zij eerder komen omdat G’D Israël heeft gekozen als Zijn volk.

Goed Jom Tov

 

In het begin Genesis. 1:1 – 6:8

 

Rabbi Shimon bar Jochai

Zohar 1, 30b, 31b

 

1:3 WE JOMER ELOKIEM JEHIE OR WAHIE OR – G’D zei, “ER ZIJ LICHT” EN ER WAS LICHT.
Telkens wanneer het woord wahie (”er was”) voorkomt, verwijst dat naar deze wereld en de Komende Wereld. Jehie Or -”Er zij licht”in deze Wereld; Wahie Or – “Er was licht”. Was – omdat het nadien was verhuld, zoals is verklaard, om te worden geopenbaard in de Komende Wereld.
Rabbi Jose zei: Dit licht was compleet verhuld en zal alleen geopenbaard worden aan de rechtvaardigen in de Komende Wereld, zoals het vers zegt: ” Een licht is uitgespreid over de rechtvaardigen” (Psalmen 97:11). Rabbi Jehoeda zei: Zou het totaal verhuld zijn, had de wereld niet continu kunnen existeren, zelfs niet voor een moment. Echter, het is verhuld en zodanig kiemend voor zaad welke planten voortbrengt en op zijn beurt meer zaad en meer planten. Op deze wijze wordt de wereld gecontinueerd.

Zohar Chadash,Bereshiet 8a

Er gaat geen dag voorbij zonder dat iets van dit licht uitstraalt naar de wereld zodat hij continu kan existeren. En zo voedt de Heilige, geprezen zij Hij, de wereld. In elke plaats waar ‘s nachts Thora geleerd wordt, komt een straaltje neer van dat licht op diegenen die Thora studeren.

 

 

 

Zohar I, p.46a

1:5 VAJIKRA ELOKIEM LA’OR JOM WELACHOSHEG KARA LAILAI WAJEHIE-EREV WAJEHIE-BOKER JOM ECHAD G’D NOEMDE HET LICHT “DAG” EN DE DUISTERNIS NOEMDE HIJ “NACHT”; EN HET WERD AVOND EN HET WERD OCHTEND: ÉÉN DAG.
In het volgende gedeelte legt de Zohar uit dat het geheim van de G’ddelijke voorzienigheid, wat fundamenteel is in het Joods denken, in dit vers ligt opgesloten. Wanneer wij niet rationele gebeurtenissen ervaren, moeten wij bedenken dat niets zonder reden plaats vindt, niets is zomaar. G’D overziet elk detail van de schepping. ( zie R.Chaim Vital, Or HaChama )
Rabbi Jehoeda leert: Waarom verklaart de Thora na elke scheppingsdag, “Het werd avond en het werd ochtend?” Om ons te informeren dat er geen nacht is zonder dag en geen dag zonder nacht. Alleen als combinatie zijn zij één. Het is echter niet gepast om hen als een gesepareerde entiteit te zien. Daar duisternis en nacht in het algemeen verwijzen naar barheid en kwaad, verwijzen licht en dag naar barmhartigheid en goedheid, zoals al eerder is uitgelegd. Rabbi Jehoeda leert dat men daarom niet moet concluderen dat er twee Godheden zijn.
Rabbi Jose legt uit dat het licht dat was voortgebracht op de eerste dag, alle andere dagen van de schepping heeft begeleid; Van daar dat “Het werd avond en het werd ochtend” bij elke gebeurtenis is geschreven.
Rabbi Shimon bar Jochai legt uit dat de eerste dag alle andere dagen vergezelt en dat de eerste dag alle andere dagen beheerst, om ons te laten zien dat er geen verscheidenheid bestaat in de Heilige, geprezen zij Hij (Bereshiet Rabba 3:8;Rashi, Bereshiet 1:4)

SHABBAT SHALOM

 

 

Geef een reactie