PARASHOT MATÓT – MAS’ÈE

Stammen – Reizen

Numeri. 30:2 – 32:42, 33:1 – 36:13

Rabbi Yisrael Baal Shem Tov

Mystieke Tweeënveertig Routes

Passage van Sefer Baal Shem Tov, Degel Machane Ephraim

“Dit zijn de routes van de Kinderen van Israel die onder leiding van Mozes en Aaron uit Egypte waren getrokken in hun groepsverbanden.”

Er waren in totaal tweeënveertig routes. Mijn grootvader [de Baal Shem Tov] verklaart dat zij in het leven van ieder mens bestaan, van het moment van geboorte tot aan de dag van overlijden.

Dit kan als volgt begrepen worden:  Het tijdstip dat iemand wordt geboren en de baarmoeder verlaat, correspondeert met de uittocht uit Egypte. Naderhand reist hij van de ene plaats naar de andere, totdat hij het Hemelse Land van het leven bereikt [de Komende Wereld, corresponderend met het Land Israel]. Dus is er geschreven: “Naar het woord van G’D legerden zij zich en naar het woord van G’D trokken zij op” (Numeri. 9:23), wat correspondeert met beperkt bewustzijn en ruimer bewustzijn.

Ik heb ook gehoord van een zeker iemand dat de tweeënveertig routes corresponderen met de tweeënveertig letter Naam, die wordt geteld van de eerste nacht van Pesach tot aan het feest van Shavoeot en is voltooid met het ontvangen van de Thora.  En hoewel er in totaal negenenveertig dagen zijn, is elke week een complete unit, met als basis alle tweeënveertig.

Deze routes zijn opgetekend in de Thora om ons te leren de juiste weg te volgen in ons leven en dat al onze reizen heilig en puur zijn. Ik hoorde van mijn grootvader in de naam van de Briet Menoecha, dat [de plaats] Kivrot HaTa’ava [letterlijk “graven van gulzigheid”] (Numeri. 11:34) correspondeert met de sefira van Chochma, want daar had men volk, dat te gulzig was geweest, begraven. Met andere woorden, wanneer iemand het niveau van Chochma bereikt, verliest hij al zijn [materiële] verlangens in zijn enorme verbondenheid met G’D.

Nu kunnen we begrijpen hoe heilig deze routes waren of aspecten van heiligheid bevatten en verheven niveaus. Tav’era [een andere plaats, letterlijk “Brandend vuur “] was zeker een verheven aspect (Numeri. 11:3). Hoe dan ook, de Israëlieten vervormden de aard van deze plaatsen door hun daden, zoals gezegd wordt over Kivrot HaTa’ava: “En [Mozes] noemde de plaats Kivrot HaTa’ava, want daar had men volk, dat te gulzig was geweest, begraven. (Ibid, 11:34) Dit is ook van toepassing op de andere kampementen, zoals Tav’era: “En [Mozes] noemde de plaats Tav’era [“Brandend vuur “], want G’D’s vuur had hen verbrand.” Doch had men deze plaatsen niet vervormd, zou elk zijn verborgen licht hebben gereveleerd.

Dit is de betekenis van  “Dit zijn de routes van de Kinderen van Israel……En Mozes schreef op bevel van G’D de vertrekpunten van hun verschillende routes open dit zijn dan hun routes ingedeeld naar hun vertrekpunten” (Numeri. 33:1-2): Mozes beschreef de spirituele verheven betekenis op van elke reis, van moeders baarmoeder tot het Land van het Leven, zodat elk persoon de weg zou weten te volgen in overeenstemming met G’D. Echter, “…. Dit zijn hun routes overeenkomstig hun vertrekpunten.” (Numeri 33:1); dat wil zeggen, hoe zij deze kampementen zelf vervormden door hun handelingen, want het eind van het vers zegt niet: “op bevel van G’D”.

Probeer dit zeer goed te begrijpen! En mag G’D ons Zijn recht en juiste weg leren.

Rabbi Chaim ben Moshe Ibn Atar

Het bevrijden van de gevangen vonken

“Dit zijn de routes van de Kinderen van Israel……(Numeri. 33:1)

Ons vers kan worden begrepen wanneer we in overweging nemen wat de Zohar (II:157) heeft te zeggen over het doel van de Israëlitische tocht door de woestijn: Het was bedoeld om de Israëlieten in staat te stellen om de geïsoleerde vonken van heiligheid uit gevangenschap te bevrijden. Deze “vonken” waren in gevangenschap geraakt door negatieve spirituele krachten die hun verblijf hebben in de wildernis, G’D liet de Israëlieten door deze plaatsen trekken zodat hun heiligheid zou fungeren als een magneet, om zo de “verloren”vonken van heiligheid aan te trekken.

De enige manier waarop dit kon worden bereikt was door middel van complete heiligheid, met andere woorden, een combinatie van de heiligheid van Israël, de Shechina en de heilige Thora. Het vereist de aanwezigheid van 600.000 zielen die hun oorsprong hebben in heilige domeinen. Mozes maakte deze 600.000 individuele zielen passend, omdat hij wordt gezien als de boom waaruit alle takken groeien. Door gemeenschappelijke inspanning waren deze krachten van heiligheid in staat om de krachten van onzuiverheid te overwinnen, die veel van deze verloren vonken van heiligheid in gevangenschap hielden.

Volgens de Zohar  konden deze “vonken” dan toch gevangen gehouden worden terwijl de Israëlieten actief reisden en niet terwijl zij passief legerden; dit had de Thora in gedachten als er wordt geschreven “dit zijn de routes”. Het woord “deze” [in het Hebreeuws, “eleh“] is inderdaad in scherp contrast met enige andere tocht ooit beschreven waar dan ook, want nooit te voren waren er tochten geweest die duidelijk zo vergezeld waren van zo veel elementen van heiligheid.

Hoewel het waar is dat de Patriarchen ook reizende zijn beschreven en dat zij ook verloren vonken hebben verlost gedurende hun tochten, is er geen vergelijking te maken tussen wat deze individuen hebben bereikt en wat de Joodse Natie als een geheel op dit punt heeft volbracht. De Thora zelf beschrijft de buitengewone natuur van deze reizen door te benadrukken dat zij gebeurden als een nasleep van de Exodus van Egypte, met andere worden nadat de Israëlieten waren gezuiverd van de Exodus van Egypte, nadat de Israëlieten waren gezuiverd van de ijzeren smeltkroes genaamd Egypte. Dit stelde hen in staat om de heilige vonken te isoleren overal waar zij die ontmoetten.

Niet alleen dat, maar de Thora beschrijft deze tochten als een hemels gebeuren “letzivotam” toen zij een complete eenheid waren, rustte de Shechina op deze 600.000 heilige zielen. We hebben herhaaldelijk beschreven dat de definitie van eenheid, volledigheid, niet van toepassing kan zijn is op minder dan deze 600.000 zielen.

De reden dat G’D niet de Thora gaf aan de Patriarchen was vanwege hun beperkte aantal. Zij misten deze “volledigheid”die gebaseerd is op de aanwezigheid van 600.000 zielen, die hun oorsprong hebben in een heilig domein zodat zij konden worden beschreven als “tzevaot”, G’D’s legerschare. Slecht eenmaal beantwoordden de Israëlieten in de woestijn aan al de noodzakelijke condities voor het vervullen van de voor hen vastgestelde opdracht door hun tochten. De Thora voegt evenzo de zinsnede “onder leiding van Mozes en Aaron” toe, die de “tussenpersonen en bemiddelaars” waren tussen de Shechina en al de andere elementen van heiligheid, nodig om de Natie te doen samensmelten tot één geheel van heiligheid.

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie