PARASHOT ACHARE MOT – KEDOSHIEM

Na de dood –  Heilig  Leviticus. 16:1 -18:30, 19:1 – 20:17

 De essentie van de menselijke aard is het verlangen om te ontvangen.

 Aan het begin van de parasha, wordt de dienst van de Kohen Gadol (Hoge Priester)op Jom Kippoer beschreven. Hij placht loten te trekken over twee geiten om te kunnen beslissen welke “ Voor G’D” zou worden bestemt, dat wil zeggen, welke in de Heilige Tempel als offer gebracht zou worden en “Naar Azazel” (de naam van een steile rots waar de geit vanaf zou worden gegooid,) moest worden gezonden, beide dienden dus als verzoening voor de zonden van het Joodse Volk.

Deze meest heilige dag is bekend als “Jom Kippoer”, letterlijk, “de Dag van Verzoening” en ook als “Jom HaKippoeriem” , “een Dag zoals Poeriem”. (letterlijk loten), refererend aan het lot trekken over de twee geiten. Volgens de heilige Zohar, werd de geit die werd aangewezen voor Azazel geofferd met de bedoeling om de Sitra Achra (letterlijk, “De andere Zijde”, een Kabbalistische term voor de krachten van onzuiverheid) te sussen, om interferentie met de heiligheid van de dag te voorkomen. Dit is veelbetekenend om de volgende redenen:

Het neer gehaalde licht van chochma wordt specifiek volbracht door een groot verlangen om te ontvangen, het aspect van de linkerzijde [van de sefirot, de zijde van oordeel, waarmee de harde aspecten van de Sitra Achra zijn geassocieerd]. Want de aard van heiligheid is het verlangen om te geven en te uit stromen, dit correspondeert met de geit die is bestemd “ voor Hashem”.

Het is echter bekend dat het aantrekken of neerhalen van dit licht alleen mogelijk is als er verheven vaten, houders zijn om dit te kunnen ontvangen. Daarom, om het te kunnen ontvangen in Heiligheid, nadat het verheven licht is neergehaald, wordt ze ontvangen via de middelste lijn [van de sefirot]die dit licht kleedt in de chassadiem van de rechter zijde. Dus de rol van de Sitra Achra is om het licht gewoonweg neer te halen, maar er geen gebruik van te maken, behalve door middel van chesed, het aspect van geven en uitstroom.

De Sitra Achra kent ook het voordeel van het ontvangen van dit licht, maar dit voordeel veroorzaakt grote strengheid (din), aangezien ze het licht niet gebruikt volgens de weg van heiligheid. In plaats van het licht positief te gebruiken, veroorzaakt het licht een revelatie van destructie en kwaad in de wereld.

Evenzo, het is onmogelijk voor iemand om te zeggen dat hij geen persoonlijk voordeel wil hebben, maar dat het allemaal in het belang van de Hemel moet zijn. Dit ligt niet in het vermogen van de mens, aangezien het verlangen om te ontvangen de essentiële menselijke natuur is

Dit wordt beschreven in parashat Kedoshiem 19:2: “ Weest heilig, want IK G’D ben Heilig”. Rashi zegt, “Iemand zou zich kunnen afvragen “zou ik als G’D zijn”?

Daarom betekent de uitspraak aan het begin van parashat Kedoshiem, “Ik ben G’D, dat mijn Heiligheid boven jouw heiligheid is.” Dit betekent dat alleen de Schepper geen verlangen heeft om te ontvangen voor Zichzelf en dat Hij uitsluitend geeft. Echter een geschapen iemand moet ook zich nemen, wat betekent dat ontvangen nodig is om te eten en te drinken en slapen om in staat te zijn om G’D te dienen.

Iemand kan niet alleen maar een gever zijn zonder iets te ontvangen voor zichzelf.

Het zelfde geld voor de studie van Thora. Het is toegestaan en zelfs wenselijk dat iemand vreugdevol leert,  want dit motiveert hem om meer te leren. Dit is de betekenis van “Iemand zou zich kunnen afvragen “zou ik als G’D zijn”? Wat we ontvangen is het deel dat we geven aan de Sitra Achra, die in elk mens aanwezig is, anders zou heiligheid niet voortdurend kunnen existeren. Dit is de betekenis van “Weest heilig”: geef aan anderen wat je hebt ontvangen naast wat nodig is voor je zelf, want dit is de passende wijze voor iemand, die geschapen is, om zijn G’D gegeven heiligheid kenbaar te maken.

SHABBAT SHALOM

 

   

Geef een reactie