PARASHAT WAJIKRÁ

En Hij riep (Leviticus 1:1 – 5:26)

Rabbi Shimon bar Jochai.

Zohar, pagina 8a,b

Rabbi Jehoeda opent zijn uiteenzetting met het vers: “Dient de Eeuwige met vreugde; komt voor Zijn aanschijn met gejubel” (Psalm. 100:2).
We hebben geleerd dat de gehele dienst aan G’D, die een persoon verricht, gedaan moet worden met oprecht verlangen van blijdschap, waardoor de verering gecompleteerd zal worden. Hoe kan er dan gezegd worden, dat een persoon die een offer brengt (m.b.t berouw) blij kan zijn? Deze persoon heeft de geboden van zijn Meester overtreden en de geboden van de Thora. Welke uitdrukking op zijn gezicht en wat voor houding moet hij aannemen als hij voor zijn Meester staat? Uiteraard moet het met een bedroefde en gebroken geest zijn. Maar waar is dan het vreugdevol gezang dat tezamen met zijn offer gebracht moet worden?

Hoe dan ook, hebben we ergens anders geleerd dat een persoon die heeft gezondigd tegenover zijn Meester en Zijn geboden heeft overtreden en om zichzelf te rectificeren een zondeoffer brengt, zich noodzakelijkerwijs geestelijk gebroken en berouwvol moet voelen. Als hij huilt bij het brengen van zijn offer is dat des te beter en zien we dat geen van beide, vreugde en gejubel, aanwezig zijn. Hoe zijn deze twee aspecten dan toch aanwezig [bij het brengen van het offer]?

Zij worden verwerkelijkt door de Priester [Koheen] en de Levi welke ook aanwezig zijn bij het brengen van het offer. Zij vervullen zijn vreugde en jubelzang.

De vreugde die de Priester representeerde, stond ver af van strikt oordeel [omdat hij zijn oorsprong heeft in barmhartigheid (chesed), het tegenovergestelde van din (recht)]. Een Priester moet zich altijd tonen met een vreugdevolle uitdrukking op zijn gezicht, blijer en gelukkiger dan andere mensen, omdat zijn kroon [letterlijk “keter”] van priesterschap dit aan hem autoriseert. Hij is daartoe gemachtigd.

Het vergulde lied werd uitgevoerd door de Levi, dit is passend omdat de Levieten zingen, zoals wij hebben geleerd.
Het Hebreeuwse woord voor “lied”is “shier”of “zemer”, beiden betekenen “snijden, verkorten”. Het achterliggende idee is, dat een lied het harde oordeel van zijn oorsprong afsnijdt. In het Engels betekent het woord din, een luid verwarrend geluid. Zingen rectificeert dit irriterend lawaai en de resulterende zoete klanken verheffen de geest. Zowel in het Engels als in het Hebreeuws, snijdt het zingen din weg!

Dus beide, de Priester en de Levi [waren aanwezig en voerden hun rol van vreugde en zingen uit op het tijdstip dat de boeteling zijn offer bracht met een gebroken hart] completeerde de juiste verering van de persoon aan G’D. De Priester leidde de ceremonie in blijdschap en met oprecht verlangen zodat de Heilige Naam passend werd verenigd, en de Levi zou zingen.
Dit wordt bedoeld [door het continuerende bovenstaande vers in Psalm 100:3]: “Weet, (in het Hebreeuws de’oe, van het woord da’at) dat de Eeuwige de G’D is”.

De offerceremonie [Hebreeuws, “korban”] brengt de vergevensgezindheid te weeg om weer nader te komen [in het hebreeuws, “lekarev”, de stam van het woord “korban” [zodat het oordeel samen met vergevensgezindheid [onder “da’at”] in evenwicht werd gebracht.

Da’at is het middelste kanaal van de sefirot en is in staat om de rechter en de linkerzijde te “verenigen”, respectievelijk vergevensgezindheid en oordeel.

Dezer dagen kunnen we geen offers brengen [wegens de verwoesting van de Tempel], iemand die heeft gezondigd en wenst terug te keren naar zijn Meester, moet zeker een bitter gevoel en spijtbetuiging hebben en huilen met een gebroken geest. Als dit oprecht zo is, hoe kan hij dan het vereiste, om G’D met vreugde en gezang te dienen, vervullen, en in het bijzonder daar hij het niet voelt?

Het antwoord is zoals we hebben geleerd. Wanneer een persoon in gebed is en zijn Meester looft en vreugde ondervindt in zijn Thorastudie en zijn leren luidkeels op een melodieuze expressie weergeeft, is dat de vreugde en het jubelgezang waaraan onze tekst refereert.

En wanneer hij in gebed de passage bereikt van widdoej – zondebelijdenis, moet hij da’wenen met een gebroken en berouwvol hart.

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie