PARASHAT SHALÁCH LECHÁ

Zend jij (Numeri. 13:1 – 15:41)

Rabbi Shimon bar Jochai
Zohar. P 159a

Rabbi Aba prijst Rebbe Shimon als de enig waardige persoon om de diepere vertrouwelijke mysteries van de Thora publiekelijk te maken, door te zeggen, dat er geen generatie zou zijn zoals de zijne, waarin hij leeft tot aan de generatie van Mashiach.
Niettemin verklaart hij verder iets over het hoge niveau van spiritualiteit die door ieder persoon kan worden  bereikt en over het patroonsverloop van het leven na de dood.

Kom en zie. Er staat geschreven in Genesis 1:27 "En G’D schiep de mens naar Zijn beeld" [Hebreeuws  ‘betzelmo‘], Hij schiep hem naar het beeld [´tzalem] van Elo-hiem, man en vrouw schiep Hij hem.

Zo gezegd schiep G’D de mens in twee vormen. De eerste vorm wordt verwezen door het woord "tzelmo", wat "Zijn beeld" betekent, van de zijde van Zeir Anpin. De tweede vorm is tzelem van Elo-hiem, verwijzend naar het niveau van malchoet.

Er zijn drie werelden waar de Heilige, Geprezen Zij Hij zich in bergt.

Deze zijn de werelden van Atziloet, Beriya en Yetzira.  De fysieke wereld van Asiya wordt hier niet besproken.

De eerste wereld is de hoogste en meest verhulde van allemaal. Niemand buiten Hem kan het zijn van deze wereld aanschouwen en omvatten, aangezien Hij binnen deze wereld is verborgen.

Dit is de betekenis van het vers "Wat verborgen is, gaat de Eeuwige, je G’D aan, maar wat geopenbaard is………
(Deuteronomium. 29:28)

De tweede wereld [Beriya] is verbonden met die wereld hierboven.

Zij zijn verbonden via de sefira van malchoet van Atziloet welke met de volgende wereld van Beriya is verbonden door zich te transformeren in de sefira van keter van Beriya.

Dit is het niveau van G’D wat herkenbaar is en in staat stelt om verstandelijk te omvatten en vast te houden [door de rechtvaardigen]. Dit wordt aangeduid door het vers "De poorten van gerechtigheid zijn een opening naar Mij. Dit is de poort naar de Eeuwige, welke de rechtvaardigen zullen binnengaan." (Psalm. 118:19)
Dit is de tweede spirituele wereld.

De derde wereld [Yetzira] is beneden deze twee werelden en bevat separatie [tussen goed en kwaad].  Dit is de wereld in welke de hogere engelen hun verblijfplaats hebben, en waar G’D zowel verhuld als niet verhuld is. Hij is daar gewoonlijk gevestigd, maar zodra als iemand tracht Hem aan te staren en Hem intellectueel omvat, verwijdert Hij Zichzelf , zodat Hij niet te omvatten valt. Dan vragen alle engelen, "Waar is de plaats van Zijn glorie?" en zeggen, "Geprezen zij de glorie van HaShem vanuit Zijn plaats". (Ezechiël. 3:12)

De aanwezigheid van G’D is niet altijd geopenbaard in deze wereld.

Op een vergelijkbare wijze verklaart onze tekst, "G’D schiep de mens naar Zijn beeld." De mens kan deze drie werelden eveneens gewaarworden. 

Nu worden zij besproken van beneden naar boven. Aangezien de mens het G’ddelijke alleen kan vatten door spirituele groei van zijn eigen beperkte bewustzijn "beneden". De drie opstijgende werelden waar naar gerefereerd wordt zijn verschillend van de werelden waarover eerder gesproken is.

De eerste wereld [die hij kan vatten] wordt de Wereld van Separatie genoemd en de mens is daar gevestigd en ook niet gevestigd.

De Nefesh, of spirituele levenskracht van iemand is continu verbonden met zijn fysieke lichaam zolang hij in leven is en wanneer hij sterft is het niet langer aan hem gebonden en "verdwijnt".
De mens is dan niet meer gevestigd in die wereld, want wanneer hij sterft kan je hem niet meer waarnemen.

De tweede wereld in stijgende lijn is meer [helderder, duidelijker] verbonden met de hoogste wereld. Dit is de Lagere Tuin van Eden van het land.

Dit is de verblijfplaats van de geestelijke zielen ["roechot" het meervoud voor "roeach", welke één van de vijf spirituele niveaus  in de mens is: Nefesh, Roeach, Neshama, Chaya en Jechieda.]

Deze wereld is verbonden met nog een andere hogere wereld.

Er is een zuil in de Lagere Tuin van Eden die het verbindt met de Hogere Tuin van Eden in de wereld van Beriya.

Door de Lagere Gan Eden is het mogelijk om de andere [hogere] wereld te vatten [geestelijk] en te begrijpen.

De derde wereld [de Hogere Tuin van Eden welke de verblijfplaats is van de Nashamas in de hogere verhulde wereld [Beriya], welke verhuldt en afgesloten is.

Deze wereld is de verblijfplaats van Imma, de malchoet van Atziloet, vanwaar de Nashamas vandaan komen, en vandaar dat zij daar na de dood terugkeren.

Niemand weet of beseft, als staat geschreven "Geen oog zag ooit Elo-hiem buiten u [de profeet], want het zal worden gedaan voor diegene die Hem verwachten." (Jesaja. 64:3) En dit alles is in het evenbeeld van de hemelse spirituele werelden.

De waarheid is dat de mens in al deze werelden existeert, maar de oneindigheid strekt zich uit van "boven"naar "beneden", terwijl het menselijke bewustzijn moet stijgen van beneden.

Dus is er geschreven dat de mens was gecreëerd naar het beeld van Elo-hiem, en overeenkomstig is geschreven "Zonen zijn jullie van G’D, jullie Elo-hiem". (Deuteronomium. 14:1)

"Zonen" omdat de zielen van het Joodse Volk komen van de eenmaking, gemaakt in de partzoefiem van de werelden van Beriya, Yetzira en Asiya welke de Vader en Moeder zijn, of met andere woorden chochma en bina, van Joodse zielen. Dit verklaart tevens waarom de Joden door de Zohar het "brein van de wereld"worden genoemd (parashat Mishpatiem), aangezien hun oorsprong in deze wereld in chochma en bina ligt.

Zoals we hebben verklaard, komen deze zielen van het "Beeld van Elo-hiem", zij erven een hogere nalatenschap in overeenstemming met hun oorsprong. [Dus wanneer zij fysiek sterven, keren hun Nefesh, Roeach en Nashama elk afzonderlijk terug naar hun origine.]
Dit is eveneens de reden dat de Thora waarschuwt "Kinderen zijn jullie van de Eeuwige, jullie G’D, verminken jullie je dus niet door inkervingen en scheren jullie, om een dode, geen kale plek op jullie voorhoofd" (Deuteronomium.14:1), om dat de ziel niet verloren is. Het is nu gevestigd in hogere, liefelijke spirituele werelden. Daarom zou je gelukkig moeten zijn wanneer zij vertrekken van deze fysiek wereld [aangezien zij terugkeren naar hun hogere oorsprong].

En kom en zie. Als Adam niet had gezondigd, zou hij niet zintuiglijk de dood hoeven te ervaren voor het binnengaan van deze [hogere] werelden. Maar aangezien hij in overtreding was, moet de mens eerst sterven voordat hij deze werelden kan binnengaan.

Zijn Roeach ontdoet zich van zijn fysieke lichaam, en [het lichaam] blijft achter in Deze Wereld.
Dan ontvangt de Roeach zijn straf door te baden in de rivier Dinar [waar het wordt gezuiverd van de verontreiniging van zijn driften en lusten, veroorzaakt door de fysieke wereld.  Deze zuivering van
aanhechten wereldse verlangens stelt het in staat om de Lagere Tuin Van Eden binnen te gaan.]
Naderhand treedt het de Tuin van Eden van Deze Wereld binnen, en daar staat bereid een ander lichaam, een lichaam van licht. Dit lichaam van licht is in precies de zelfde vorm  zoals het was in de fysieke Wereld.De Roeach trekt het aan en harmonieert zich er mee, en de Lagere Tuin van Eden wordt zijn vaste verblijfplaats. 

Bij iedere Nieuwe Maan en Shabbat, verbindt de Roeach zich met zijn Neshama. Het is verheven en gekroond in het Hoogste van de opper werelden, zoals is geschreven, " En het zal gebeuren, dat iedere Nieuwe Maan, en iedere Shabbat, al het vlees zal komen om dienst te doen voor Mij, zegt de Eeuwige." ( Jesaja. 6:23)

Misschien is dat de grondslag van het gebruik om naar de begraafplaats van tzadiekiem te gaan in het bijzonder op de middag voor de Nieuwe Maan of op de middag voor Shabbat, op het moment dat zij zich voorbereiden om op te stijgen naar de hogere werelden. Het is eveneens de reden waarom wij geen een begraafplaats bezoeken gedurende deze dagen, omdat niemand thuis is!

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie