PARASHAT RE’ÉE

Zie      Deuteronomium. 11:26 – 16:17

Spiritualiteit en onzelfzuchtigheid

Likoetei Torah and Shaar Hamitzvot

Geschriften van de Ari

“Wanneer er bij jou een behoeftige is……onderdruk dan niet het medegevoel bij je zelf en houd je hand niet krampachtig dicht voor die behoeftige broeder, maar open wijd je hand voor hem……(Deuteronomium. 15:7-8)

Rabbi Chaim Vital, die de leringen van de Arizal optekende, zegt ons:

Wat betreft filantropie en vrijgevigheid, observeerde ik dat mijn leraar niet bijzonder buitensporig was ten aanzien van zijn kleren en dat hij slechts weinig at, betreffende de uitgaven van zijn vrouw gaf hij geld naar gelang haar wensen. Mijn leraar placht overvloedig te geven met grote vreugde en goedhartigheid, met open hand en soms keek hij niet eens of er genoeg overbleef voor hem zelf.

Mijn leraar zei, dat elke mitzwot is geassocieerd met één van de tweeëntwintig letters [van het Hebreeuwse alfabet], en wanneer iemand een miztwa uitvoert, straalt de letter, waarmee de mitzwa is geassocieerd, van zijn voorhoofd, vervangend de vorige letter op zijn voorhoofd van de voorafgaande mitzwa die hij uitvoerde. [De letter bleef op zijn voorhoofd] slechts zolang als hij de mitzwa uitvoert [waarmee het is geassocieerd]; naderhand wordt de mitzwa in [hem] geabsorbeerd. Als hij echter een miztwa van liefdadigheid doet,  verdwijnt de letter waarmee het is geassocieerd niet zo snel als de letters die geassocieerd zijn met de andere mitzwot, maar blijft op zijn voorhoofd stralen voor een week. Dit is de esoterische betekenis van het vers, “Zijn rechtvaardigheid duurt voor altijd” (Psalm. 111:3, 112:3,9).

Aangaande het kopen van spullen die worden gebruikt voor het uitvoeren van Thora mitzwot, zoals een loelav en een etrog, zag ik dat mijn leraar de handelaren de prijs gaf die zij het eerst noemden en niet met hen daarover onderhandelde. Soms plaatste hij zijn portefeuille voor hen met het verzoek om te nemen wat ze wilden. Hij vertelde mij dat iemand niet moet afdingen op de prijs als het om een mitzwa gaat. Rabbi Shimon bar Jochai zegt het zelfde in de Zohar.

We zullen nu de esoterische betekenis verklaren van het vers, “Iemand die vrijgevend is, eindigt met meer” (Spreuken. 11:24), hetgeen onze wijzen van toepassing achten op de mitzwa van liefdadigheid (Yalkoet Shimini ad loc). Inderdaad relateren we [dit vers] aan het zelfde onderwerp, want Yesod wordt de “de rechtvaardige” genoemd [in het Hebreeuws, “tzadik “, omdat het liefdadigheid [“tzedaka“] geeft aan noekwa, die a priori omschreven wordt als “rechtvaardigheid” [in het hebreeuws, “tzedek“], maar daardoor “liefdadigheid” [“tzedaka“] wordt.

Het woord voorliefdadigheid”, “tzedaka“, bestaat uit het woord voor “liefdadigheid” (“tzedek“, gespeld tzadi-dalet-koef) plus een toegevoegde . Omdat de aan het eind van een woord een teken van een vrouwelijke vorm is, mag ´tzedaka” als de vrouwelijke vorm van ´tzedek” worden beschouwd. Dus Yesod transformeert Noekwa in een vrouw.

Om die reden wordt Yesod waarschijnlijk “Jozef” genoemd.

Zoals we verschillende malen eerder hebben verklaard, wordt Jozef geassocieerd met Yesod in deugdzaamheid van zijn seksuele puurheid. Hier moet opgemerkt worden dat “Jozef”[in het Hebreeuws, “Josef “hij zal toevoegen” betekent, zinspelend op de toenemende groei van Jozef, met andere worden, de heilige verbinding met Noekva, veroorzaakt in Zeir Anpin.

Zo zal het zijn met iemand die aan financiële liefdadigheid doet. [Hij zal door het geven geen financieel verlies lijden, in tegendeel, hij zal er rijker op worden, en meer bezitten dan voorheen.

De esoterische betekenis van tzedaka en gebed is, aangezien de joed-hé gesepareerd is van de vav-hé [vanwege negatief menselijk gedrag], dat we tzedaka moeten geven of moeten bidden om G’D’s Naam met Zijn Shechina te verenigen, met vrees en liefde, in naam van heel Israël.

Negatief gedrag is alleen mogelijk omdat het intellect is gescheiden van de emoties (en hun expressie). Intellectueel kan een persoon begrijpen dat het niet goed is om kwaad te doen. Maar zolang als dit begrip niet de gelegenheid wordt gegeven (gewoonlijk door bezinning en meditatie) om zijn gevoelens over dingen te beïnvloeden, blijft het abstract en steriel.

De yoed-hé van G’D’s Naam Havayah geeft aan de sefirot van Chochma enBina, respectivelijk, de twee hoofd componenten van het intellect. De vav-hé geeft de emoties aan (collectief beschouwd) en hun manier van expressie (idee, spraak en actie).

Door onze verbinding met G’D te vernieuwen in gebed en het uitvoeren van daden van barmhartigheid, laten we zien dat ons intellect inderdaad onze emoties en acties hebben beïnvloed, waarbij de breuk tussen de twee helften van de Naam van G’D worden geheeld.

Zoals we weten zijn de twee eerste letters van de naam Havayah een naam van G’D in hun eigen recht, de naam Y-ah. De laatste van de naam Havayah, die afdaalt om het intellect en emoties uit te drukken van de eerste drie letters in de lagere werelden, wordt omschreven als de Shechina, de “G’ddelijke Aanwezigheid”.

De zin van het geven van financiële liefdadigheid voor het gebed is, om de [eerste twee letters van de naam Havayah] joed-hé, welke zijn gesepareerd van de [laatste twee letters,] vav-hé, te verenigen.

Voor het doen van een goede daad of het geven van financiële liefdadigheid, moet daarom gezegd worden, “[Ik doe dit] om de Heilige, Geprezen zij Hij, en Zijn Shechina te verenigen, in liefde en vrees [voor G’D], in naam van heel Israël.” [Op deze wijze] verbindt hij de joed-hé met de vav-hé.

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie