PARASHAT PEKOEDÉ

De berekeningen Exodus 38:21 – 40:38

HET TELLEN VAN GOUD EN ZILVER

“Dit zijn de Pekoedé van de donaties voor de Mishkan.” (Exodus. 38:21)

Pekoedé betekent een berekening en een inventarisatie. Hier berekent de Thora de hoeveelheid goud en zilver en koper, die de Kinderen van Israël hebben gedoneerd aan de Mishkan. (Woning van het Getuigenis, Tabernakel)
Onze Wijzen zeggen dat een zegen niet rust op iets dat wordt geteld of genummerd. Als dat zo is waarom zou de Thora dan een berekening en een inventarisatie maken voor de Mishkan?
Laat ons eerst begrijpen wat een zegen [Hebreeuws, bracha] aangeeft. Een zegen leidt altijd naar een toename, verhoging en een toevoeging. We vinden in de Handeling van de Schepping dat een zegen drie keer werd uitgesproken:

1. Van het scheppen van de vissen wordt gezegd, En G’D zegende hen en zei, “Wees vruchtbaar en vermeerder je.”
2. Van het scheppen van de mens man en vrouw staat geschreven, “Wees vruchtbaar en vermeerder en G’D zegende hen”
3. Van de Shabbat staat geschreven, “En G’D zegende de zevende dag”.

Het belang van G’D’s zegeningen aan de mens is dat niet alleen de mens is gezegend, maar zegeningen komen ook vanuit hem voort naar anderen. Dit is de betekenis van “Wees vruchtbaar en vermeerdert.” Een compleet iemand, bestaande uit masculiene en feminiene zielsmaten, brengt veel mensen voort. Zo ook met vissen. Evenzo ten aanzien van Shabbat, want er wordt duidelijk gesteld in de Zohar, dat niet alleen de dag van Shabbat is gezegend, maar dat alle zes dagen van de week zijn gezegend vanuit Shabbat.
Naar dit zegenings concept wordt verwezen in het vers: “Een gul persoon zal worden gezegend” (Spreuken. 22:9) Wanneer een persoon gul en blij een gift of lening geeft aan iemand anders, zal de ontvanger slagen in zijn handelen en zakelijke aangelegenheden met het ontvangen geld. Echter als hij de zelfde som geld ontvangt van een vrekkig en gierig persoon, zullen al zijn zakelijke aangelegenheden geen succes hebben, zoals staat geschreven, “ Eet niet van het brood van een vrekkig en gierig persoon.”(Ibid. 23:6)
De tiende Sefira, gewoonlijk Malchoet genoemd, wordt ook wel “Cheshbon” (“een rekening”) genoemd, zoals staat geschreven in de Zohar in Parashat Pinchas. Dit omdat Malchoet het Licht ontvangt van alle voorgaande Sefirot, en dit emaneert naar de Lagere werelden. Daarom wordt Malchoet eveneens het “Paleis van zegeningen” genoemd, aangezien Malchoet alle uitvloeiingen bevat en vanuit Malchoet allen worden gezegend. Bovendien, aangezien Malchoet alle Sefirot verenigt, wordt Malchoet ook de “Kroon van Malchoet” genoemd, net zoals een deugdzame koning niet alleen voor zichzelf zorgt, maar eerder zorg uitstraalt naar zijn volk en zijn koninkrijk.
Nu kunnen we begrijpen dat een zegening niet rust op een geteld of genummerd gegeven, wanneer iemand rekent en telt om te weten hoe veel zij bezitten, voor het doel van vermeerdering van hun eigen verlangens en aspiraties. Echter als alle overvloed (van geld) voor het doel is van geven aan anderen, dan zal integendeel, een zegen rusten op het getelde, want hoe meer wordt weggeven, des te meer wordt vermeerderd.
Dit idee wordt dit jaar zelfs meer benadrukt. In de meeste jaren worden Wajakheel en Pekoedé samen gelezen op de zelfde Shabbat. Dit jaar lezen we Pekoedé afzonderlijk, de week na Wajakheel.
Wajakheel betekent “bijeen brengen, verzamelen” en representeert veelomvattendheid en eenheid, zoals Mozes heel het volk samen brengt en verzamelt om het te verenigen met één verlangen. Pekoedé, daarentegen betreft de afzonderlijke details, de hoeveelheid aan goud en zilver en koper die het volk heeft gedoneerd.
Elk type van metaal heeft een ander doel. De Ark was gemaakt van goud, van waaruit de Thora en leerstellingen voortkomen. De tafel en de Menora waren eveneens van goud; fysiek licht straalde hiervan uit. Het Altaar was gemaakt van koper om verzoeningen te weeg te brengen voor iemand die heeft gezondigd.
Wanneer het volk in een staat van totale eenheid is en het geeft voor het “geheel”, dan is het mogelijk de fysieke “delen” te tellen en om hen te inventariseren. Het “Kwade Oog”heeft dan geen controle over hen, aangezien zij van een verenigde gemeenschap komen, omwille van gerichtheid aan anderen. Dit zou niet het geval zijn als zij waren geteld en genummerd voor iemands eigen welzijn, dan zou de zegen niet aanwezig zijn; daar zou geen zegen op rusten.
Moge het de Wil van G’D zijn dat we eenheid verdienen en de spirituele pijplijn van uitvloeiingen alleen goedheid zal voortbrengen aan het Volk van Israël en aan alle andere Volkeren van deze wereld en we onze volledige verlossing spoedig zullen verkrijgen, Amen.
SHABBAT SHALOM

Geef een reactie