PARASHAT MISHPATIEM

Rechtsregels        Exodus. 21:1 – 24:18

 

Rabbi Jitzchak Luria

 

Geschriften van de Ari, Taamei HaMitzwot

 

De Thoralezing van deze week bevat de opdracht om de drie feesten, Pesach, Shavoeot en Soekot te vieren. In het vers “Je zult voor Mij drie feesten per jaar vieren” (Exodus. 23:14), is het woord voor “feesten”, “regaliem“, het meervoud van “regel“, wat ook “been” betekent. Daarentegen is de stam van het werkwoord “vieren” (“lechog) “choeg” wat betekent “roteren” of “omcirkelen”, benadrukkend de jaarlijkse cyclus van de feesten, en ook aangevend “chag ” een ander woord voor “feest”.  Dit woord is gerelateerd aan het woord “passer” (in het Hebreeuws, “mechoega“, zie Jesaja 44:13) en leidde tot het rabbijnse gebruik van “machog“voor “gebaar”. Het draagt dus de associatie van een handbeweging.

 

De eerste drie [midot], Chesed, Gevoera en Tiferet, worden omschreven als de “handen”, terwijl de tweede drie, [Netzach, Hod, en Yesod ] worden omschreven als de “benen”.

 

 In Kabbala wordt Chesed geassocieerd met de rechter arm, Gevoera met de linker arm, Tiferet met de torso, Netzach met het rechterbeen, Hod met het linkerbeen en Yesod met het voortplantingsorgaan.

 

 

Chesed, Gevoera, Tiferet, worden geïdentificeerd als de twee armen en het algemeen harmoniserend principe, Tiferet, er tussen in, wordt ook een “hand” genoemd, aangezien het functioneert als één hand die de twee andere handen, Chesed en Gevoera omvat.

 

Dus, hoewel de torso niet een hand is, kan het, daar het dient om de twee werkelijke handen te verenigen en te harmoniseren, als een figuurlijke “hand” worden beschouwd.

 

Dit is de esoterische betekenis van “de grote hand” (Exodus. 14:31), “de sterke hand” (Deuteronomium. 3:24, 7:19, 11:2, 34:12) en “de opbeurende hand” (Numeri. 33:3) er tussen in, zoals aangehaald in de Zohar. ( I:23a, III:246b, 283a; Tikoenei Zohar, introductie, p. 9a, 58, p.89a, 69, p. 101b, 70, p. 130a).

  

 

  De “grote hand” is Chesed, een synoniem voor “gedoela” (“grootsheid”). De “sterke hand” is Gevoera. En “de opbeurende hand” is Tiferet.   

 

Corresponderend hiermee zijn Netzach, Hod, en yesod, de drie benen. Want Netzach en Hod zijn de twee benen en samen zijn zij inbegrepen in de hen harmoniserende entiteit Yesod, die dus functioneert als het derde been.

 

Dit is de esoterische betekenis van het vers “Je zult voor Mij drie feesten per jaar vieren”. Want Malchoet wordt omschreven als “het feest [in Hebreeuws, ‘chag‘] of de bruid”, als vermeld in het begin van Tikoenei Zohar.

 

Malchoet is de bruid, de gezellin van Zeir Anpin, de bruidegom. In de Zohar, wordt Malchoet beschreven als de ontvanger van de uitstroom van de drie sefirot van Netzach, Hod, Yesod, die zijn geassocieerd met de feesten. (Zohar III:257b; Tikoenei Zohar 21, 45b, 58b).

 

Vandaar dat deze drie [Netzach, Hod, en Yesod,] schijnen naar haar [Malchoet] drie keer per jaar en door hun vermogen worden de feesten op deze drie gelegenheden teweeg gebracht.

 

        

Eigenlijk hebben de drie feesten hun oorsprong in Chesed, Gevoera, Tiferet, maar Chesed, Gevoera, Tiferet schijnen neerwaarts door Netzach, Hod, en Yesod en door Netzach, Hod, en Yesod schijnen zij [Chesed, Gevoera, Tiferet] in Malchoet.

 

Dit verklaart de verplichting om naar [de Tempel] te gaan op het tijdstip van de feesten.

 

Pesach, Shavoeot en Soekot worden “pelgrimfeesten” genoemd, omdat van het grootste gedeelte van het volk wordt verlangd naar Jeruzalem te reizen en naar de Tempel te gaan om specifieke offers te brengen. (Exodus. 23:17, 34:23; Deuteronomium. 16:16)

 

 

Uitleg: De mitzwa om naar [de Tempel te gaan] is dat de enkeling zich op de drie feesten naar boven begeeft, naar het hof van de Israëlieten om daar te verschijnen. Deze verplichting wordt alleen opgelegd aan volwassen mannen.

 

 Het “Hof van de Israëlieten” bevindt zich in de meest oostelijk gelegen 11 el, van het Binnenhof (Azaradie de Tempel omringt. (Mishna Thora, Beit HaBechira 5:12)

 

De esoterische reden waarom wordt verlangd om zich daar te voet naar boven te gaan, is om [spirituele] kracht te geven aan de hemelse “benen”, Netzach, Hod, en Yesod, aan de drie feesten. Om die reden worden zij niet [bijvoorbeeld]  “drie vastgestelde tijden” genoemd, maar ” drie feesten”, om het feit aan te geven dat het licht van deze drie feesten schijnt via de hemelse “benen”, Netzach, Hod, en Yesod, in Malchoet, belichaamd in het Hof der Israëlieten.

 

  Want het woord voor “Festival” feestelijkheid, (Hebreeuws, “regel”, zoals we weten) is het zelfde woord als voor “been”. Deze drie feesten zijn dus drie “beenfeesten” feestelijkheden waarop het nodig is de hemelse “benen”” te sterken door onze eigen benen te gebruiken, met andere woorden om naar Jeruzalem te reizen om zich naar boven te begeven in de Tempel.

 

En inderdaad, het hoogteformaat van de Vrouwen Hof reikt tot aan de Yesod van zijn Malchoet, terwijl de hoogte van het Israëlieten Hof reikt tot aan de Netzach, Hod, Yesod van Zeir Anpin.

 

Het Vrouwen Hof (Ezrat Nashiem) is het aangrenzend hof buiten het Binnenhof van de Tempel. (Het wordt niet het Vrouwen Hof genoemd omdat vrouwen, niet verder kunnen binnengaan, want vrouwen kunnen zelfs het Israëlieten Hof binnengaan en zelfs het Priester Hof, wanneer zij een offer moeten aanbieden. Het wordt het Vrouwen Hof genoemd omdat de Vrouwen Galerij er boven is, er op neerkijkt.)

 

De verschillende secties van de Tempel, als men binnen komt van het oosten en westwaarts gaat, dragen een stijgende status van heiligheid, inhoudend dat alleen diegene die gelouterd zijn en in toenemende mate gezuiverd van onreinheden, hen mag betreden. In Kabbalistische termen betekent dit dat een westwaartse voortgang binnen het Tempelgebied correspondeert met een stijging door successievelijke hogere sferen van spiritualiteit.

 

Maar op de feestdagen, is [Noekva] van aangezicht tot aangezicht met Netzach, Hod, Yesod [van Zeir Anpin], dit is in wezen de esoterische betekenis van de frase “en zij zullen niet Mijn Gezicht zien met lege handen” (Exodus. 23:15).

 

Ofschoon dit vers voorkomt in de context van Pesach, wordt het opgevat als van toepassing zijnde op alle drie de pelgrimfeesten en verwijst het naar de verplichte offers (Chagiga) die moeten worden gebracht op deze drie feesten.

 

SHABBAT SHALOM    

Geef een reactie