PARASHAT EMÓR

Zeg           Leviticus. 21:1 – 24:23

Gebaseerd op Sichot Kodesh 5725, vol 1, p. 25; likoetei Sichot, vol 36, pp. 82-85.

Ontwikkelende G’ddelijke Dienst

Kabbala leert dat onze verbinding met het G’ddelijke voortdurend ontwikkelt

De Eeuwige sprak tot Mozes: “Wanneer een rund of een schaap of geit geboren wordt, dan blijft het zeven dagen onder de hoede van de moeder en van de achtste dag af en verder kan het als vuuroffer voor de Eeuwige aanvaarbaar zijn.” (Leviticus. 22:23)

De esoterische betekenis van de mitzwa is als volgt:

“Moeder” is de significatie van het intellect, omdat het intellect “leven geeft aan” de emoties. Wanneer het intellect de deugd van iets inziet, “geeft het leven” aan een emotie van liefde er voor, wanneer het ongewenste schadelijkheid van iets herkent “geeft het leven” aan een emotie van haat of angst er voor, enz. Het dier is de significatie van de emoties, omdat dieren geleid worden door hun instinctieve emotionele vermogens en niet door intellect. Het “dierlijke” aspect van de mens is dus zijn matrix van emoties.

Wanneer een emotie is “geboren”, moet die worden “uitgebroed”, met andere woorden, volwassen worden door het intellect. Dit is een proces van zeven “dagen”, met andere woorden, een zevenvoudig proces, één voor elk van de zeven basis emoties. Alleen nadat de emoties dus zijn volgroeid, zijn zij geschikt om te worden “geofferd aan G’D”, met andere woorden, deel worden van de psyche van een mens toegewijd aan de dienst van G’D.

Dit zijn de vastgestelde feestdagen van de Eeuwige, die jullie als een oproep tot bijzondere wijding op de hiervoor bepaalde tijd moeten afkondigen. (Leviticus. 23:4)

De drie pilgrim feesten werden vastgesteld in verbinding met de landbouw cyclus: Pesach vindt plaats wanneer de producten beginnen te rijpen, Shavoeot wanneer het graan wordt geoogst en Soekot aan het eind van het seizoen, wanneer de producten worden geoogst van de velden.

Chasidoet interpreteert deze correlatie als volgt:

G’D refereert aan het Joodse Volk als aan Zijn “producten”. (zie Jeremia. 2:3, Hosea. 2:25) Juist zoals iemand graan zaait in de hoop een grotere teruggave te oogsten, “plant” G’D zielen in de fysieke wereld om dat zij veel meer moeten bereiken dan zij kunnen in de spirituele sferen.

De wijze waarop graan groeit is eveneens een les voor mensen. Het zaad zoals wij het planten. Pas wanneer de uiterlijke bedekking van het zaad bederft en de vorm van het zaad zoals wij het kennen wordt afgescheiden en ophoudt te bestaan, kan groei beginnen. Omdat het oorspronkelijke zaad per se niet langer bestaat, is het nieuwe gewas niet meer beperkt door de limitaties van de oorspronkelijke vorm van het zaad.

Hetzelfde geldt voor de menselijke groei. Ego staat in de weg voor groei. Het is alleen wanneer het wordt overwonnen en geneutraliseerd dat de ziel zijn volle potentie kan bereiken.

Shabbat Shalom

Geef een reactie