PARASHAT EMOR

 Zeg                            Leviticus.21:1 – 24:23

 KABBALA LEERT DAT ONZE VERBINDING MET HET G’DDELIJKE VOORTDUREND GROEIT.

 LIKOETEI SICHOT

 De Eeuwige sprak tot Mozes: “ Wanneer een rund of schaap  of geit geboren wordt, dan blijft het zeven dagen onder de hoede van het moederdier en van de achtste dag af en verder kan het als vuuroffer voor de Eeuwige aanvaardbaar zijn.” (Leviticus. 22:27)

 De esoterische betekenis van dit voorschrift is als volgt:

“Moeder” geeft het intellect aan,  aangezien het intellect aanleiding geeft tot het baren van een emotie.

Wanneer het intellect de goedheid van iets herkent, baart het een emotie van liefde hier over, wanneer het ongewenste schade of nadeel van iets herkent, baart het er een emotie van haat of vrees over, enz. Het “dier” geeft de emoties aan, aangezien dieren in hoge mate worden geleid door hun instinctmatige emoties in plaats van door hun intellect.

Wanneer een emotie wordt “geboren”, moet het worden uitgebroed, met andere woorden, volwassen worden door het intellect. Dit is een proces van zeven dagen, met andere woorden, een zevenvoudig proces, een voor elk van de zeven basis emoties. Alleen nadat de emoties volwassen zijn geworden, zijn ze geschikt “om te worden geofferd voor G’D”, met andere woorden, deel uit te kunnen maken van de menselijke psyché gewijd aan G’ddelijke dienst.

Hier volgen de vastgestelde feestdagen van de Eeuwige, die jullie als een oproep tot bijzondere wijding op de voor hen bepaalde tijd moeten afkondigen.” (Leviticus. 23:4)

 De drie pelgrims feesten werden vastgesteld op basis van de landbouw cyclus: Pesach vindt plaats wanneer de producten beginnen te rijpen, Shavoe’ot wanneer de tarweoogst word binnengehaald en Soekkot aan het einde van het seizoen, wanneer alle producten van het veld worden verzameld.

Chassidisme interpreteert dit verband als volgt:

G’D refereert aan het Joodse Volk als Zijn “producten”. (Jeremia. 2:3, Hosea. 2:25)

Juist zoals iemand graankorrels zaait, in de hoop op veel grotere oogsten, “plant” G’D zielen in de fysieke wereld  zodat zij meer tot stand zullen brengen dan in hun spirituele verblijf.

De wijze waarop graan groeit is ook een les voor mensen. Het zaad zoals we dat planten groeit niet zelf. Het is alleen wanneer de buitenste schil van het zaad verrot en de vorm van het zaad zoals we dat kennen ophoudt te bestaan, dat de groei kan beginnen. Omdat het oorspronkelijke zaad per se, niet langer bestaat, is de nieuwe groei niet beperkt door limitatie van de oorspronkelijke verschijningsvorm van het zaad.

Het zelfde is waar ten aanzien van de menselijke groei. Ego staat groei in de weg.

Pas wanneer deze is overwonnen en te niet gedaan, kan de ziel haar volle potentie  bereiken.

SHABBAT SHALOM         

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie