PARASHAT ÉKEV

Als gevolg      Deuteronomium. 7:12 – 11:25

De G’ddelijke Dimensie van de Eettafel

De Geschriften van Rabbi Jitzchak Luria

Gepaste aandacht voor wassen en reciteren van de zegeningen na de maaltijd sensibiliseert de ziel. In het Thoragedeelte van deze week geeft Mozes het Joodse Volk de opdracht om het Dankgebed Na de Maaltijd te zeggen: “En als je dan genoeg gegeten hebt, dank dan de Eeuwige, je G’D, voor het goede Land dat Hij je gegeven heeft” (Deuteronomium. 8:10) Er zijn vele voorschriften omtrent de juiste uitvoering van deze opdracht en de Arizal bespreekt de esoterische dimensie ervan uitvoerig.

Één van deze voorschriften is die van “majiem acharoniem”, “water na [de maaltijd]”. Voorafgaand aan het reciteren van dank, wordt er van de persoon verlangd om zijn vinger toppen te overgieten met water.

Weet dat de “andere zijde” boven de tafel zweeft, zoals wordt beschreven in de Zohar ( II: 154a, b) en controle kan uitoefenen over iemand meer dan in andere situaties.

Zoals beschreven in de Zohar, versterken eten en drinken van nature iemands materiele oriëntatie, wat hem ongevoeliger maakt voor spiritualiteit en het ervaren van G’ddelijkheid. Een persoon is dus, na zich vol te hebben gegeten, in het bijzonder ontvankelijk voor de mogelijkheid van kwaad.

Dit geldt vooral indien hij alleen heeft gegeten en er geen drie personen zijn om het Dankgebed samen te reciteren. Want de uitnodiging voor het Dankgebed drijft de “andere zijde” weg, zoals wordt aangehaald in de Zohar II:186b, betreffende de anekdote van het jonge kind.

Als drie of meer mannen of vrouwen samen brood hebben gegeten, moeten zij, volgens de Joodse Wet het Dankgebed samen reciteren. Één van de aanwezigen fungeert als leider en nodigt formeel de anderen uit om met hem het Dankgebed te reciteren.

In de Zohar, wordt weergegeven dat de jonge ouderloze zoon van Rabbi Hamnoena de Oudere, grote spirituele gewaarwording en esoterische kennis van de Thora  bezat. Één van de leringen die hij deelde met zijn gasten, twee studenten van Rabbi Shimon bar Jochai was, dat wanneer de uitnodiging voor het Dankgebed is gereciteerd, het vermogen van het aanwezige kwaad aan de tafel is verzwakt.

De collectieve kracht van de drie individuele zielen en de positieve energie gegenereerd door hun kameraadschap overwon de negatieve vermogens van het kwaad. Dit gebeurt echter alleen wanneer zij bewust hun individuele energieën samen verenigen voor het reciteren van het Dankgebed, dat wil zeggen, zich focussen op de spirituele dimensie van de maaltijd in plaats van simpelweg de wellust van het eten. Vandaar de kracht en importantie van de uitnodiging om het Dankgebed te reciteren.

Iemand moet daarom dus zeer nauwkeurig de juiste intenties hebben bij het afspoelen van zijn vingertoppen na de maaltijd, opdat de “ander zijde” hem niet kan achtervervolgen.

Wanneer een persoon zwicht voor de verleidingen van het kwaad, fungeert de zonde die hij doet als een “aanklager” tegen hem in het Hemelse hof.

Want door het geven van dit geschenk, zoals bekend, vertrekt de “ander zijde”,

Maar als de persoon niet het Dankgebed reciteert met de juiste intentie en concentratie, wordt het de gastheer en aanklager tegen hem. Zoals we hebben gezegd, is dit van toepassing wanneer men alleen eet, zonder de [bescherming geboden door de] invitatie om het Dankgebed te reciteren.

Het afspoelen van etensresten van de maaltijd van de vingertoppen wordt gezien als het “werpen van een been naar de hond”. Kwaad bezit geen intrinsieke kracht, het verkrijgt zijn vermogen enkel en alleen krachtens menselijke wandaad. Echter in de huidige orde, moet het aanwezig zijn in ten minste een aantal minimale vormen, zodat er sprake kan zijn van vrije keuze. Als kwaad deze minimale voeding ontvangt, is het tevreden en beseft het dat er niets meer te verwachten valt van deze maaltijd en gaat heen.

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie