PARASHAT BO

Kom              Exodus. 10:1 – 13:16

 

RABBI  ISAIAH HOROWITZ

 

SHNEI LOECHOT HABRIET

 

 

Deze maand zal voor jullie zijn.” (Exodus. 12:2)

 

De mitzwa om de nieuwe maan te heiligen en wanneer nodig schrikkeljaren te arrangeren, is voorbestemd om veilig te stellen dat de verschillende feestdagen, aangegeven in de Thora, plaatsvinden in hun respectievelijke seizoenen. Pesach moet plaatsvinden in het voorjaar; Soekot in de herfst. Schrikkelmaanden en schrikkeljaren werden vastgesteld door kalender berekeningen zelfs tijdens era’s dat de verschijning van de nieuwe maan werd bevestigd door visuele observatie.

 

Astronomische factoren werden niet genegeerd. We hebben een traditie dat de lichtgevende hemellichamen een twee gezichten hebbend concept symboliseren [ zoals Adam en Chava voordat Chava door G’D werd gesepareerd van Adam.] De maan ontvangt haar licht alleen van de zon.

Het geheim van de zich vernieuwende maan is gelegen in het positie innemen, dichter naar de zon toe.

 

Vrouwen observeren de Nieuwe Maan meer dan hun echtgenoten, aangezien, symbolisch gesproken, de maan (als een lichtgevend hemellichaam) blijft afnemen voor niet meer dan zeven dagen, voordat zij opnieuw begint te schijnen. Dienovereenkomstig wordt een menstruerende vrouw opnieuw rein na zeven dagen.

 

De normale menstruatiecyclus van een vrouw is dertig dagen, gelijk aan de cyclus van de maan. We vinden in de Midrash Ha-nee-elam van de Zohar Chadash dat daar waar de niet joodse naties hun kalender arrangeren volgens de kringloop van de zon, het Joodse Volk rekent volgens de omloop van de maan. Aanvankelijk zou men denken dat het tegenovergestelde waar zou moeten zijn. Toen G’D de maan vertelde om zichzelf te verminderen, was de maan niet tot bedaren te brengen, totdat verteld werd dat Israël haar zou gebruiken voor het berekenen van haar kalender. (Chulin 60)

 

De maan werd ook beloofd dat de rechtvaardigen haar naam zouden dragen. Dit is een metafoor en betekent dat Israël in de wereld in duisternis zal lopen, terwijl de andere naties van de wereld in licht zullen lopen. De maan in deze wereld schijnt alleen ‘s nachts als het donker is. Wanneer Israël in verbanning is ervaart het een existentie gelijk aan die van de maan. Net zoals de maan, die ondanks zijn tijdelijke eclips, opnieuw zal schijnen, zo ook zal Israël opnieuw schijnen na de verbanning. De donkerheid [afwezigheid van licht] van de maan is een verwijzing naar het in rouw zijn over het lot van Israël in verbanning.

 

Shemot Rabba (15:26) merkt op dat er 15 generaties waren van Abraham tot Koning Solomon. Deze generaties representeren de rijzende ster van het Joodse Volk, gelijk aan de eerste helft van de maan wanneer de maan  in haar dominantie is. Na Solomon begon de ster van het Joodse Volk te verminderen, zoals de maan tegen het eind van de maand. Koning Zedekia was de 29e generatie na Abraham en het was gedurende zijn leven dat de Tempel werd verwoest, dat het licht van de Joodse Natie werd verduisterd. Het feit dat Koning Zedekia werd uit gestoken door de Babyloniërs versterkt opnieuw de allegorie tussen de maan en de voorspoed van het Joodse Volk.

 

Er zal echter een tijd komen, wanneer het licht van de maan zal schijnen zoals de zon, wanneer G’D en Zijn Naam één zillen zijn, wanneer een nieuw licht zal schijnen over Zion. De formulering gebruikt in onze zegening, wanneer we het gebed voor heiliging van de maan elke maand reciteren (Kiddoesh Lavana), bevat de woorden “een kroon van glorie aan degenen die gedragen zijn vanaf geboorte.”  Verwijzen we naar de Eeuwige die de maan gelaste zich telkens te vernieuwen als, “een kroon van glorie aan degenen die vanaf de moederschoot door Hem worden gedragen (aanduiding in Jesaja 43:3), die net zo voor bestemd zijn om zichzelf te vernieuwen zoals de maan en om hun Maker te vereren vanwege de glorie van Zijn Koninkrijk.”

 

Het onderwerp van de omloop van de maan, het vaststellen van schrikkelmaanden  en schrikkeljaren is ook gerelateerd aan aspecten van transmigratie van de zielen. Het opkomen en verdwijnen van de ene generatie na de andere herinnert aan de maancyclussen. Onze Wijzen hebben angstvallig bewaakt wat het ” geheim van de schrikkeljaren” wordt genoemd, het mechanisme van hoe en onder welke condities deze schrikkelmaanden  en schrikkeljaren af te kondigen. (Zie Ktoebot 112, gebaseerd op Ezekiel 13:9)

Een collegium van zeven geleerden hield zich bezig met deze kwestie in gesloten sessie (wegens het te grote onderling niveau verschil van kennis); normale sessies waren open voor leerlingen.

 

Shabbat Shalom            

 

           

 

 

 

Geef een reactie