PARASHAT BALÁK

Balak Numeri. 22:2 – 25:9

Rabbi Shimon bar Jochai

Fontein van Rebbe Pinchas

Zohar, p. 201a

In de vallei onder aan de stad Safed, waar Rebbe Pinchas ben Jair, de auteur van deze verhandeling is begraven, ligt een bron genaamd de “Fontein van Rebbe Pinchas”. Deze bron voedt een prachtige waterplas welke omringd is door fruitbomen.
Rabbi Pinchas opent zijn verhandeling met het vers “Een fontein van tuinen, een bron van vers water en bergstromen van de Libanon”. (Hooglied. 4:15) Waarom zegt het vers “Een fontein van tuinen”? Zijn er geen andere fonteinen die vloeien vanuit tuinen? Ongetwijfeld zijn er vele andere, aangename en kostbare fonteinen in de wereld. Maar het genot van die fonteinen is niet identiek. Er zijn fonteinen die vloeien in de woestijn, in een droge omgeving, zij geven ongetwijfeld genoegen aan degenen die er verblijven en ervan drinken. Maar hoe goed en kostbaar is een fontein van tuinen! Zo’n een fontein komt ten goede aan planten en vruchten. Iemand die verblijft in de nabijheid van deze fontein voelt zich tevreden. Hij geniet van het water, de planten en het fruit. Dit type fontein kroont alle anderen. De hoeveelheid rozen, de hoeveelheid welriekende planten die haar omringen, hoe prachtig is die fontein in vergelijking met anderen. Het is een fontein van levend water.
In het vers In het Hebreeuws wordt bronwater “levend water”genoemd, want het is de oorspong van leven.
En [het diepste innerlijke van deze zin is] zoals we hebben uitgelegd, dat dit allemaal verwijst naar de Shechina [malchoet]. Zij wordt “Een fontein in de tuinen” genoemd [omdat Zij de rijkdom ontvangt welke vanuit de tuinen vloeit]. ] En wat zijn deze tuinen? Er zijn vijf tuinen in welke de Heilige, Geprezen zij Hij, genoegen schept [de sefirot van chesed, gevoera, tiferet, netzach en hod die zich verzamelen in yasod om malchoet te voeden]. Hierboven staat, één heimelijk, verborgen fontein [bina] die hen doordrenkt met water. Vervolgens ontspruiten [alle tuinen] en geven vruchten [elke sefira naar gelang zijn karakteristiek: barmhartigheid ontspruit van chesed, striktheid gevoera, harmonie van Tiferet, uitgelatenheid van netzach, en dankbaarheid van hod]. Er is één tuin [malchoet] beneden hen [yesod is niet inbegrepen, omdat het wordt beschouwd als een trechter naar malchoet]. Deze tuin wordt aan alle zijden van de wereld beschermd .
De krachten van buiten het heilige willen zich met het heilige fruit verbinden, maar het bewustzijn van bina verhindert deze krachten door het voeden van nederigheid in plaats van hoogmoed, kalmte in plaats boosheid, oprechtheid in plaats van bedrog, etc. omdat er in Atziloet complete perfectie is.
Beneden deze tuin [machoet van Atziloet] zijn andere tuinen [van de werelden van Beriya, Yetzirah, Asiya], zij allen geven fruit naar gelang hun karakteristiek [welke de zielen voeden, elk naar gelang hun niveau van heiligheid en constitutie]. Deze tuin [machoet van Atziloet] werkt omgekeerd [in plaats van de rijkdom te ontvangen van boven, wordt het een bron van overvloed die vloeit naar de lagere werelden]. Vervolgens, naar gelang de behoefde beneden, wordt Zij een fontein van levend water [en brengt overvloed naar Israël wanneer Israëls daden waardig zijn bevonden om Haar overvloed te ontvangen]. En wanneer nodig, is Zij als een bron [ met een beperkte uitstroming, welke een Tzadiek nodig heeft om de overvloed te verkrijgen door deugdzaamheid van zijn eigen goede daden.] Wat is het verschil tussen een fontein en een bron? Er is geen overeenkomst tussen water van overvloed dat vloeit uit zichzelf als een fontein en een bron die wordt gevorderd [door de Tzadiek] om water te geven [aan Israël].
“En bergstromen van de Libanon”, wat betekent dat “stroom”? Deze zijn de oorsprong van de vijf sefirot [zoals boven genoemd] die vloeien vanuit de Libanon.
In het Hebreeuws kan “Libanon” worden gelezen als “Lev Noen”, “Hart van Vijftig”, aangezien het het hart is van de Vijftig Poorten van Begrip dat bina omvat. Deze 5 tuinen zijn elk geconstitueerd vanuit de 10 sefirot, dus bina, de oorspong of het hart van hen, wordt het “Hart van Vijftig”genoemd.
Boven [toen zij hun overvloed ontvingen] stroomden zij [in malchoet van Atziloet dat de bron werd voor de lagere werelden] en toen zij vanuit die bron ontsproten, vloeiden zij druppel voor druppel [om de lagere werelden in staat te stellen om te groeien zodat zij niet overstroomd werden door hun overvloed]. Dit zijn de zoete wateren die de ziel overspoelen.
Aldus heeft de Heilige, Geprezen zij Hij, een mirakel doen ontstaan op die plaats [waar Rebbe Pinchas zijn verhandeling gaf] met deze bron en het vers [uit het Hooglied] gaar over deze bron.
Dus Rebbe Pinchas gaf een weergave van een schriftelijk vers en plaatste het in de realiteit. Hij maakte duidelijk zichtbaar hoe het verwijst naar de spirituele evolutie van de sefirot en de stroom van G’ddelijke overvloed die alle zielen voedt.
SHABBAT SHALOM

Geef een reactie