PARASHA MAS’ÉE

Reizen Numeri. 33:1 – 36:13

Rabbi Nathan Schapira

GEBED IN HET LAND VAN ISRAËL.

We zullen nu de unieke eenwording uitleggen die is bereikt door de gebeden van de Joden in Eretz Jisraël.

Het perspectief waarvan we moeten uitgaan, is het concept, dat iemand door zijn gebeden het vermogen heeft tot het “Splijten van vlammen van vuur” (Psalm 29:7), d.w.z de woorden waarmee iemand bidt, doorboren zoals vlammen van vuur. De adem die de mond verlaat, wordt getransformeerd in een intens spiritueel vermogen.

De kracht van elk woord is gevormd naargelang iemands intenties. Deze krachten, gecreëerd door onze gebeden, zijn de mysterieuze krachten van rectificatie die het luchtruim van deze wereld reguleren. Deze krachten blijven aanwezig gedurende het hele gebed, tot na het zeggen van het slotgebed Aleinoe Leshabéach, het moment tot welk de gebeden op prachtige wijze worden verheerlijk en zijn verfraaid.
Bij beëindiging, stijgen deze gebeden in hun vastgestelde vorm, van firmament naar firmament, om uiteindelijk de toegang tot het paleis van Livnat HaSapier [letterlijk, Saffier Steen] te bereiken, en daar treden zij binnen.

Zoals al eerder is aangehaald door de Zohar (in parasha Pekoedei), “Alle gebeden van deze wereld worden verzameld boven het firmament van Eretz Jisraël, daar wachten zij totdat de laatste minjan (gemeenschap van minstens tien joodse mannen) eindigen met hun gebeden. Op dat moment worden alle gebeden met elkaar verbonden om vervolgens op te gaan voor de G’ddelijke Troon.

We zullen wat nader ingaan op de origine van dat oponthoud van de opgaande gebeden.
“Daar wachten zij totdat de laatste minjan eindigt met hun gebeden” heeft alleen betrekking op een tijdsperiode, wanneer de meerderheid van de Joden aanwezig zijn in Eretz Jisraël.
Want in het Land Israël is het tijdsverschil van zonsopgang met de meeste oostelijke steden en de meeste westelijke steden slechts een halfuur.
Dat is zo, omdat Eretz Jisraël op zijn breedst, ongeveer 400 parasangs is (een antieke Perzische afstandsmaat). Daarom is het haalbaar om te wachten voor alle gebeden. Wanneer namelijk de meerderheid van alle Joden verspreid zouden zijn door ballingschap, en de gebeden daarom moesten wachten op allerlei willekeurige plaatsen op deze aardbol, zou dat te veel tijd in beslag gaan nemen.
Dat zou een etmaal verschil uitmaken, totdat de volgende gebeden reeds een poging ondernemen om op te stijgen. Dit zou een diasynchronisatie veroorzaken in de verheffing van de gebeden.

Als er geen verenigde opgaande verheffing is van de gebeden, dan is er een gemis aan eenheid (en kracht) bij de gebeden van de Gemeenschap van Israël. Dit zou betekenen dat elke regio zijn eigen gebeden dag en nacht zou moeten proberen te verenigen. Daarvoor existeert er een vaste “werkgroep”van engelen om de drie verschillende gebeden op te brengen, anders zou de stroom van al deze verschillende gebeden, die pogen op te gaan, onverstelbare schade aanrichten.

Aan onze enigmatische vraag kan tevens de inachtneming van Shabbat in ballingschap worden toegevoegd. Want, vanwege de verschillende tijdzones, zijn er mensen in een bepaald deel van de wereld die Shabbat houden, terwijl in andere delen, mensen nog moeten beginnen.

Rabbi Moshe Cordovero schrijft aangaande dit, het volgende.

Mijn opvatting over dit onderwerp kan het beste begrepen worden uit een passage van onze geleerden: “De Joden die buiten Eretz Jisraël verblijven dienen idolatrie in zuiverheid”. (Avoda Zara 8a) De intentie van de geleerden in deze uitspraak is, om ons duidelijk te maken dat de wijze waarop de hemelen zich richten en verhouden tot deze wereld, niet afhangt van de wereld als geheel, maar eerder op het Land van Israël alleen. Het is de uitverkoren plaats van de Schepping, het is direct onder het celestische portaal van Livnat HaShapier.

De Joodse kalender, (gebaseerd op de cyclus van de maan) is als enige vastgesteld door het strategische punt van Eretz Jisraël. Om die reden wordt geen rekening gehouden met de locatie van de maan buiten Eretz Jisraël. Alleen het Hooggerechtshof in Eretz Jisraël, met G’D’s goedkeuring, had de bevoegdheid om data, het heiligen van de nieuwe maan en de feestdagen vast te stellen.

Shabbat in Eretz Jisraël is de essentie en het centrale punt van alles. Want de rust van de Shabbat is vastgesteld door de neerwaartse uitspreiding van heiligheid door het portaal van Livnat HaShapier naar Eretz Jisraël.

G’D in Zijn oneindige wijsheid, koos bij het vestigen van omloopbanen van de kosmos de exacte plaats van Eretz Jisraël direct onder dit portaal.

Eretz Jisraël is de enige plaats, waar gebeden wachten om te worden verenigd met andere gebeden. Deze vereniging gebeurt alleen bij het beëindigen van de gebeden van de Joden in Eretz Jisraël. Vervolgens wordt het licht van deze vereniging, vanuit dat portaal verspreid, naar de heersende spirituele krachten van de resterende naties. Deze illuminerende vonken van de Shechina, worden over hen uitgespreid, als een aspect van “verbanning van de Shechina”.

De Joden van Eretz Jisraël ontvangen de G’ddelijk uitstroom en invloed van rust van de Shabbat direct op de passende tijd van de “echte Shabbat”, degenen die buiten Eretz Jisraël verblijven daarentegen, welke gebaseerd zijn op de vonken van de Shechina, die hun in dat land bereiken, ontvangen, eerder of later de “echte Shabbat”.
Het zelfde geldt ten aanzien van de feestdagen, met dien verstande, dat de geleerden een tweede feestdag hebben ingesteld voor buiten Eretz Jisraël. De precieze naam “Jom Tov Shajnee Shel Galoejot” [letterlijk “Tweede Feestdag van de Bannelingen”] is met zekerheid een uitdrukking om de staat van vonken van de Shechina aan te geven die in verbanning is, m.a.w de reden en oorsprong van de extra dag.

Met betrekking tot Shabbat, is geen tweede dag toe gevoegd. Omdat in wezen, zelfs de Externe Krachten instemmen om te rusten op Shabbat.
Dit is te zien aan het feit dat zelfs ook, Gehinom gesloten is op Shabbat.
Tot zover de woorden van Rabbi Moshe Cordovero.

SHABBAT SHALOM

Geef een reactie