DE KABBALA VAN SOEKOT (LOOFHUTTENFEEST)

De details van de mysteries van Soekot vullen vele bladzijden in de geschriften van de Kabbalisten. Specifieke details tarten de vertaling vanwege de vele complicaties in het verklaren van de diepgaande Kabbalistische spirituele concepten. Nederlands en andere talen ontberen eenvoudig de juiste woorden die gebruikt kunnen worden om behoorlijk de esoterie van de Thora over te brengen.

De mysteries van het Soekotfeest kunnen worden gevonden in het woord Soeka zelf. Gespeld met de vier Hebreeuwse letters, net zoals de Heilige Naam  JOED-HÉ-VAV-HÉ, bergt het woord Soeka in feite de Heilige Naam  JOED-HÉ-VAV-HÉ in zich. De numerieke waarde van het woord Soeka (Samech, Vav, Kav, Hé) is 91. 91 is een heilig getal in Kabbala. De twee letters Kav en Vav in Soeka zijn numeriek gelijk aan 26. Dit is de numerieke waarde van  JOED-HÉ-VAV-HÉ waar deze Naam binnen het woord wordt verborgen. Wanneer 26 wordt afgetrokken van 91 blijft 65 over, een ander belangrijk kabbalistisch getal. 65 is de numerieke waarde van de heilige Naam Adonai. Dus samen bestaat het woord Soekot uit twee heilige Namen. Doch deze twee Namen zijn veel meer dan heilige woorden. Deze twee Namen delen een bijzondere en heilige verwantschap.

Adonai is de Naam die we aanwenden om G’D aan te spreken. JOED-HÉ-VAV-HÉ is de Naam zoals het is geschreven. JOED-HÉ-VAV-HÉ is in gedachten, Adonai is in spraak. Hierin ligt het mysterie. De heilige Naam JOED-HÉ-VAV-HÉ geeft het verborgen latente potentieel intrinsiek weer, terwijl de Naam Adonai een aspect van dat potentieel weergeeft. Wanneer gecombineerd, geven JOED-HÉ-VAV-HÉ en Adonai daarom de vereniging van het G’ddelijk potentieel en de manifestatie van dat potentieel weer.

In de sfeer van de sefirot, correspondeert de Naam  JOED-HÉ-VAV-HÉ met de zes sefirot (Chesed, Gevoera, Tiferet, Netzach, Hod en Yesod). Samen worden deze zes Zeir Anpin genoemd, Zeir Anpin, het “Kleine of Smalle Gezicht”. Zeir Anpin is het gezicht dat ongezien is in ons universum, toch is het de oorspong van alle dingen die hier gebeuren. Dit “Gezicht” van G’D is wat gezien wordt in de Hemelen. Het “Gezicht” van Zeir Anpin is gecentraliseerd op de sefira Tiferet, die het hemelse Hart en de bron is van de heilige geschreven Thora.

De naam Adonai daarentegen,  refereert aan de sefira Malchoet, de heilige Shechina. De Shechina wordt ook Noekva genoemd (het feminiene), de gezellin van Zeir Anpin. Het is door de Shechina/Malchoet dat Zeir Anpin hier in ons fysieke universum wordt gemanifesteerd. De Shechina is de levenskracht die tot alle vorm aspecten leidt in het fysieke universum. De Shechina is dat aspect van G’D dat aan alles dicteert wat het verondersteld is om te zijn. De Shechina is de onderliggende kracht van de natuurwetten. De Shechina creëert natuur, door als kanaal te dienen voor Zeir Anpin. Zodanig is Noekva de spreekwoordelijke gezellin van Zeir Anpin. De twee moeten in gepaste harmonie zijn omwille van de continuïteit van het universum. Zonder het -één zijn- van Zeir Anpin en Noekva zou ons fysieke universum terugkeren naar de koude primordiale soep, de leegte zonder enig leven en bewustzijn.

Zeir Anpin en Noekva moeten zich in een continue staat van -één zijn- bevinden om de hemelse overvloed van G’ddelijke energie te laten vloeien in ons universum. Leven is altijd vloeiend en vibrerend, zo ook de Thora. Zoals Zeir Anpin algemene vormen bepaalt van alles wat moet zijn zo voorziet Noekva de in details. Zoals het boven is, zo is het beneden. Dit is het mysterie van de geschreven en de mondelinge Thora. Zeir Anpin manifesteert de geschreven vorm van de Thora, geëtst en gegraveerd in de heilige letters. Noekva ademt in deze letters en geeft hen hun betekenis en parameters. Zoals allen die een Thoraleven leiden weten, is het onze mondelinge Thora die vorm en inhoud geeft aan de heilige geschreven Thora.  De twee tezamen zijn als man en vrouw, onvolledig zonder elkaar. Zoals het beneden is, zo is het boven.

In Kabbala refereert Zeir Anpin ook aan de Heilige, Geprezen zij Hij. Noekva/ Malchoet, zoals we zeiden, refereert aan G’D’s Shechina. De vereniging van Zeir Anpin en Noekva is dus een eenwording van de zeven sefirot die de Actief/ Gevende (masculien) en de Passief/Onvangende (feminien) grondbeginselen in de Schepping verenigt.

Hiernaar  wordt ook verwezen als de eenwording van de spirituele sferen van de Hemel en de fysieke sferen van de wereld. Hier in deze wereld wordt dit gemanifesteerd in de vorm van de eenwording van de geschreven en de mondelinge Thora. Dus de eenwording van de Heilige, Geprezen zij Hij en Zijn Shechina is de gehele zin van de Schepping en de reden waarom de mensheid en in het bijzonder het Joodse Volk de verplichting werd opgelegd om de mitzwot in acht te nemen. Dit diepgaande concept wordt scherpzinnig aan ons geopenbaard in de letters die het woord Soeka spellen. Dit universele concept van harmonie en continuïteit is de onderliggende “Gedachte van G’D” waanneer Hij ons opdraagt om zeven dagen in Soekot (loofhutten) te verblijven.

Het soekotfeest duurt zeven dagen. Deze zeven dagen corresponderen met de Sefirotische eenwording van de zes sefirot van Zeir Anpin en de Sefira Malchoet/Noekva. Deze zeven dagen verenigen de hemelse sefirot en stralen hun invloed op ons uit. Doch zoals met vele dingen in deze fysieke wereld, moet men op de juiste plaats en op de juiste tijd zijn om datgene te ontvangen wat ontvangen kan worden.

Moge G’D ons allen zegenen om te participeren in deze heilige mitzwot en deel te laten nemen in het teweegbrengen van de heilige Hemelse eenwording.

CHAG SAMEACH, GOED JOM TOV

Geef een reactie