DE DIEPERE BEREDENERING VAN HET BLAZEN VAN DE SHOFAR

Voordat we ingaan op enkele esoterische aspecten van het Shofarblazen op Rosh Hashana, moeten we in de eerste plaats weten waarom we überhaupt de

Shofar laten klinken.

Wanneer de Thora spreekt over Rosh Hashana, de eerste dag van de Zevende Maand, zegt het in eenvoudig termen, “Dit zal voor jullie een dag zijn van teroe’ah.” De Geleerden van de Talmoed (Rosh Hashana, 33b) namen stellig aan dat dit betekent dat het een dag van klanken van de Shofar moet zijn. Daarom, zoals een andere Talmoed passage zegt, we laten de shofar klinken eenvoudig omdat “Rachmana amar tekol, de Almachtige zegt de Shofar te laten klinken.” Uiteindelijk hebben we geen begrijpelijke redenen nodig bij het doen van mitzwot want zij hebben hun oorsprong in de absolute simpliciteit van Hashem’s Eenheid; en redenen suggereren iets buiten onszelf.

Niettemin zijn we denkende wezens en zijn we gecreëerd om te zoeken naar een inhoudelijke zingeving. Daarom mogen we ook ethische, filosofische en mystieke achtergronden van de mitzwot onderzoeken. De grote liefhebber van de beredenering, de Rambam, Maimonides,  schrijft dat we de shofar blazen om Teshoewa op te roepen in onszelf. De Wijzen en Kabbalageleerden bieden meer redenen voor elke detail van de mitzwa van het laten klinken van de shofar, We zullen nu een verzameling van ideeën onderzoeken die ons in staat stellen het laten klinken van de shofar te begrijpen en voelen vanuit nieuwe diepten.

 KLANK BEREDENERING

 Er zijn twee series van shofar klanken die worden geblazen op Rosh Hashana. De eerste serie wordt tekia m’yoeshav genoemd, zittend blazen en de tweede serie, tekia me’oemad, staande blazen. We komen terug op de verschillen tussen deze twee typen, maar laat ons eerst opmerken dat bij het blazen van de eerste serie, die bestaat uit dertig shofarblazingen, we de mitzwa van de shofar vervullen, De vraag is: Waarom zouden we moeten overgaan tot een tweede serie, de tekia me’oemad,? De Talmoed zegt de reden voor deze tweede serie is “l’arvev es ha Satan”, “om de Satan te verwarren, in verlegenheid te brengen”.( Rosh Hashana, 16b) De grote 11e eeuw commentator, Rabbi Shlomo Yitzchaki, ook bekend als Rasbi schrijft, dat wanneer de Satan ziet dat wij de mitzwot eren en zo innig  liefhebben, om een tweede extra serie op ons te nemen, hij verstomd is en de mensen niet kan vervolgen voor hun vergissingen.

Rashi’s kleinkinderen, de auteurs van Tosefot, schrijven dat de tweede serie is geassocieerd met “de klank van de Grote Shofar”. De Grote Shofar, volgens profetie, is een mystieke klank die het begin van de Kosmische Verlossing zal kenmerken. Wanneer deze tijd aanbreekt, “ Zal dood worden verzwolgen”, separatie en kwaad zal zichzelf oplossen. Om die reden, wanneer de Satan onze twee ronde van het blazen van de shofar hoort op Rosh Hashana, wordt hij van streek gebracht en kan hij zich niet focussen op veroordeling.

De Ran, Rabbi Nissim ben Reuven van de 14e eeuw,schrijft dat de Satan is niet anders dan de tegenstander die verblijft in ons eigen lagere zelf, de inclinatie tegenover goedheid en waarheid. Volgens de Ran’s inzicht, blazen wij de extra klanken om deze innerlijke tegenstander te kalmeren.

De letterlijke betekenis van teroe’ah, het klinken van de shofar, is het breken, van het woord re’oe’a. De klank van de shofar wordt ook beschreven als mishpashet, het spreidt uit, barrières afbrekend op zijn weg, Amos 3:6, zegt, “Kan de shofar geblazen worden in de stad en kan de natie niet  beven?” De shofar werd soms geblazen om het publiek waakzaam te laten zijn voor een komende strijd. Dit geluid bezielde angst, het breken van de menselijke sleur van alle dag. Dit was een van de redenen dat de Rambam zei dat de shofar Teshoewa opwekt. Het geluid dringt tot in het ego              door als het ware, waardoor de innerlijke tegenstander beeft en instort.

 

ZITTEND EN STAAND

De klanken van de eerste serie worden zittend genoemd omdat, technisch gezien, is het ons toegestaan om te zitten terwijl we ernaar luisteren. Allegorisch echter kan “zittende klanken” betekenen dat het geluid zelf zit. Wanneer iemand zit, is de rechte lijn van zijn staand lichaam gebroken in hoeken. Delen van de lijn spreiden zich dan horizontaal uit, breken de ruimte rond de lijn en expanderen in de ruimte. Dit is een illustratie van hoe de klanken van de eerste serie zich uitbreiden in de innerlijke ruimte van het ego en de innerlijke kwade inclinatie.

De klanken van de tweede serie zijn staande klanken, omdat we in het Amidah gebed staan wanneer ze worden geblazen. Als iemand staat, expandeert hij niet langer in de horizontale ruimte, zoals bij het zitten, maar hij strekt zijn lichaam in een rechte lijn van, de ruimte om hem heen dichterbij brengend en zijn energie opwaarts verheffend. Dit verwart de kwade inclinatie werkelijk, want nadat hij is gebroken en is weggezonden, is hij ineens mede opgenomen en verheven.

RECITATIES

 EERSTE SERIE:  

 Voordat de eerste serie klanken worden geblazen, reciteren we bepaalde gekozen verzen van het Boek Tehilliem, Psalmen, die ons diep meditatief voorbereiden op de klanken van de shofar. In de eerste verzameling, Psalm 47, verschijnt de Naam Elo-kiem zeven keer. Elo-kiem representeert G’ddelijke terughouding of verhulling. Door deze Naam zeven keer te reciteren, breken we door de zeven sluiers van die verhullende realiteit. Dan reciteren we het vers (Tehilliem. 118:4), “Vanuit een plaats van verhulling roep ik HaShem; antwoord mij van een plaats van uitbreiding.” Opnieuw concentreren wij ons op bevangen vijandige energieën, van een staat van innerlijke beklemming bewegend naar een staat van expansie. Vervolgens reciteren we zes verzen. De eerste letters van deze (acrostische) verzen spellen letter voor letter kra satan, uiteen scheuren van de satan, de kwade inclinatie. Ten slotte herhalen we een vers van Psalm 47: “Ala Elo-kiem b’tenlah, Elo-kiem is verheven met een teroe’a. Wanneer de shofar wordt geblazen, zal de Naam Elo-kiem zelf worden verheven tot een meer expansief niveau, alle spirituele tegenstand oplossend.

Het woord shofar zelf impliceert beperking en het blazen van de shofar symboliseert een openblazen van alle beperkingen. Shofar wordt gespeld shin vav pé reesh. Numeriek is de shin, 300. vav pé, 86 en reesh, 200. Al deze drie nummers zijn op een zeer ingewikkelde manier verbonden met de Naam Elo-kiem, oordeel en beperking.

De numerieke waarde van de letters die de Naam Elo-kiem vormen is 86:

alef-1, lamed-30, hé-5, joed-10, mem-40 = 86

 Wanneer de volle waarde van elk van deze van 5 letters worden geteld, is het totaal 300:

De letter alef wordt gespeld, alef-1, lamed-30, pé-80 = 111.

De letter lamed wordt gespeld,   lamed-30, mem-40, dalet-4 = 74

De letter wordt gespeld, hé-5, joed-10 = 15

De letter joed wordt gespeld, joed-10, vav-6, dalet-4 =20

De letter mem wordt gespeld, mem-40, mem-40 = 80

111 +74 +15 +20 + 80 = 300

 De numerieke waarde van deze vijf letters, wanneer cumulatief gerekend, is 200:

Alef = 1.

Alef lamed = 31

Alef lamed hé = 36

Alef lamed hé joed = 46

Alef lamed hé joed mem =86

1 + 31+ 36 + 46 + 86 = 200

Wanneer we een shofar in onze handen nemen en blazen door de Naam Elo-kiem de juiste kavanah, concentratie van gedachte en hart, openen we al blazend alle restricties in stukken.

TWEEDE SERIE

In de tweede serie van het shofar blazen, reciteren we de verzen beginnend met “La hibit avon b’Jakob, Zie geen enkele gebrek in Jacob.” Het woord Jacob is gerelateerd aan het woord hiel. Daarom suggereert dit vers dat het nu voor ons niet nodig is om  te richten op, of strijden met enige obstructie in onze hiel, ons lagere zelf, want het negatieve van de kwade inclinatie is alreeds geneutraliseerd. Nu proeven we het expansieve van de Toekomstige Verlossing.

Gedurende dit deel van de dienst , reciteren we ook verzen die de G’ddelijke Realiteit aanmoedigen om “over de hele wereld te regeren,” verzen ter herinneren aan  HaShem om Zijn liefde voor ons te bekrachtigen, verzen beschrijven hoe HaShem aan ons werd gereveleerd op de Berg Sinaï. Sommige verzen spreken over de Grote Shofar de Komende Verlossing van de Mensheid zal aankondigen. Het geluid van de Grote Shofar zal ons verzamelen als we Verbanning verlaten en ons zullen verenigen”…..Zij zullen komen van Ashoer en van Egypte.” Elk van deze verzen suggereert een thema van het samenbrengen van separate delen, dan van verspreiding en uit elkaar gaan. Eenmaking is het geheim van verzachting.

UNIFICATIE                    

 Het woord shofar wordt gespeld shin vav pé reesh. We kunnen dit woord opsplitsen  en analyseren om de spirituele betekenis te herleiden.

en reesh (par) samen hebben een numerieke waarde van 280. Het cijfer 280 is ook de som van de manzpach, de vijf letters van het Hebreeuwse alfabet die veranderen van vorm wanneer zij verschijnen aan het eind van een woord, sluitletters, mem 40, noen 50, tzadik,90, pé 80 en chaf 20. Omdat deze vormen alleen verschijnen aan het eind van woorden, worden de manzpach letters beschouwd als gelimiteerde letters; dus zij representeren de vijf Gevoerot, diniem, de vijf basis krachten van beperking en verhulling in het universum.

Shin  en vav samen vormen het woord shav, gelijk. Dus de shav par, de shofar verenigt en maakt de beperkende Gevoerot en hun expansieve tegenovergestelden gelijk, op een zodanige wijze dat de krachten van oordeel, strengheid, door de wereld worden verzacht. Wanneer deze verzachting wordt volbracht, zal de G’ddelijke Wil van de Barmhartige regeren over heel de wereld.

MOGEN WE HET WAARD ZIJN OM DIT  INNERLIJK EN UITERLIJK TE ERVAREN.

LESHANA TOVA OEMESOEKA, EEN GOED EN ZOET JAAR

CHAG SAMEACH,

JUDA GROENTEMAN

Geef een reactie