DE AVODAH VAN DE MAAND ELLOEL

Rosh Chodesh ( Nieuwe Maand ) donderdag 8 augustus/30 Aw en vrijdag 9 augustus/1 Elloel   5762/2002.

De maand Elloel is de maand van barmhartigheid, in welke de dertien eigenschappen van Goddelijke barmhartigheid zich uitstralen. Dit is de maand van medelijden, in welke de poorten van barmhartigheid open zijn tot al diegene die verlangen om dichterbij heiligheid te komen en G D te dienen door inkeer, gebed en Thorastudie.

Dit is de laatste maand van het jaar dat eindigt, die het heden passeert naar het verleden.

Het is de maand van spiritueel zelfonderzoek en inventarisatie, waarop iemand zich bezint hoe hij het afgelopen jaar heeft doorleefd en volledig spijt betuigt over wat onwenselijk was en zich voorneemt om uiterst nauwgezet waakzaam te zijn met het in acht nemen van de mitswot ( opdrachten in de Thora ), consciëntieus studie van Thora en Tefilla ( gebed ) en zich eigen maken aan positieve karaktereigenschappen.

Dit is de maand van voorbereiding op het nieuwe jaar.

Elloel is de zesde maand gerekend van af de maand Niesan, welke is aan gegeven in de Thora , als de eerste maand van het joods nationaal jaar. In het algemene kalenderjaar van de joodse traditie echter, is Tisjri de eerste van alle maanden, vandaar is Elloel de laatste van de maanden.

De naam Elloel was aangenomen , zoals alle anderen, bij de repatrianten van de eerste Babylonische verbanning, zoals onze wijzen hebben verklaard:” de namen van de maanden kwamen van Babylon”. Omdat Elloel de laatste maand van het jaar is en direct voorafgaat aan Rosh Hashana ( de dag van het gerecht voor alle wereldbewoners ) is het daarom de maand van spijt en het reciteren van de traditionele gebeden voor vergeving.

Vanaf de Sinaï waren er dagen van verzoening tussen G D en Israël . Toen de Israëlieten de zonde van het gouden kalf pleegde, besteeg Mosje de berg en smeekte voor Goddelijke barmhartigheid en vergiffenis , G D was verzoenend naar hem en zei :” Hou uit twee Tafelen van steen zoals de eersten “.

Mosje besteeg de berg op Rosh Chodesh Elloel en verbleef daar veertig dagen tot de tiende Tisjri. Op de tiende Tisjri bracht hij de tweede paar stenen tafelen naar beneden, welke G D had gegeven aan Israël als een teken van hernieuwde Goddelijke begunstiging en genegenheid.

Deze veertig dagen werden van toen af vast gelegd voor alle generaties als dagen van spijt en vergiffenis. Alhoewel spijt altijd wordt geaccepteerd , zijn deze specifieke dagen uitermate geschikt voor spijt en vergiffenis, want zij kenmerken een blijvende terug kering van het begaan zijn van G’D.

De periode kenmerkt zich door het reciteren van talrijke SELICHOT ( smeekgebeden, gebeden om vergeving ). In sommige plaatsen is het gebruikelijk om Selichot te reciteren gedurende de laatste uren van de nacht van de gehele maand Elloel, met uitzondering van Rosh Chodesh en Shabbat en beginnen sommigen vanaf de vijftiende Elloel. De Ashkenazische rite echter is om Selichot te beginnen te reciteren met de eerste dag van de week in welke Rosh Hashana valt , mits dat er vier dagen resten voor Rosh Hashana . Daarom, als Rosh Hashana valt op de tweede dag of derde dag van de week, begint het reciteren van Selichot op de eerste dag van de voorgaande week.

Beginnend met de tweede dag Rosh Chodesh Elloel tot erev Rosh Hashana worden dagelijks vier sjofartonen ( ramshoorn ) geblazen na shacharit (ochtendgebed) : Tekie a, Sjewariem, Teroe a, Tekie a. Deze tonen van de sjofar zijn niet voorgeschreven door de Tora , maar vind zijn origine in de joodse minhagiem (gewoonterecht).

Toen Mosje Rabbenoe ( Mozes onze leraar ) op Rosh Chodesh Elloel de berg Sinai besteeg om voor de tweede keer de stenen tafelen te ontvangen, was het kamp vol van sjofarklanken , om duidelijk te maken aan allen Israëlieten, dat Mosje zich omhoog heeft begeven ; zodat zij zich niet opnieuw zouden bezondigen aan afgoderij. Daarom had Israël het gebruik aangenomen om de sjofar te blazen op Rosh Chodesh Elloel en om de herhaalde oproep aan Mosje om de berg te bestijgen; Israël s spijt na de zonde van het gouden kalf ; de vergiffenis die hun was verleend, en het geven van de tweede stenen tafelen.

De intentie om deze gebeurtenissen te herinneren is, om ons te sturen naar spijtbekentenis. De sjofar word alleen geblazen na het ochtendgebed, omdat Mosje s bestijging van de berg plaats vond vroeg in de ochtend.

De aard van de sjofarklank is, het opwekken van schroom in het hart, zoals is geschreven: ” Als de sjofar wordt geblazen in de stad, zullen de mensen dan niet huiveren?? ” ( Amos 3 ).

Het geluid van de sjofar proclameert : ” worden jullie wakker die slapen en worden jullie die ingedommeld zijn gewekt, gaat nauwkeurig jullie daden na en keer terug naar de goede weg ” ( Maimonides’ ).

Op erev Rosh Hashana wordt geen sjofar geblazen , met de bedoeling een scheiding aan te brengen tussen het sjofar blazen in Elloel, welke zijn origine heeft in het gewoonterecht en het sjofar blazen op Rosh Hashana welke is opgelegd en voorgeschreven door de Thora .

SELICHOT

De essentie van de Selichotgebeden is het reciteren van de ” dertien eigenschappen van Goddelijke barmhartigheid welke zijn weergegeven in het vers:

EEUWIGE, EEUWIGE, een almachtige G'D, barmhartig, en genadig, lankmoedig , vol van liefde, en waarheid, die liefde blijft betonen aan duizenden geslachten, die misdaad, schuld, en zonden vergeeft, maar niet geheel en al ongestraft laat en die de misdaad der ouders bij die van de kinderen gedenkt tot in het derde en vierde geslacht. ( Exodus 34 6-7 )

Evenzo wordt Widdoej ( zondenbelijdenis ) gezegd tijdens selichot, omdat het eveneens een essentieel onderdeel is van de gebeden van vergiffenis.

En de Rabbijnen citeren Rabbi Jochanan die zegt : ” als het vers niet geschreven zou zijn , was het onmogelijk om het te zeggen. We leren van G D s woorden aan Mosje dat G D zich zelf als het ware omhulde met een taliet zoals een slieách tsiboer ( voorganger ) en hem de orde leert van het gebed van de dertien eigenschappen van Goddelijke barmhartigheid en G D zij tot hem:

“Telkens als Israël zondigt zullen zij zich aan deze orde van gebed houden en IK zal hun vergeven”.

De dertien eigenschappen van Goddelijke barmhartigheid zijn als volgt:

1) Eeuwige: IK ben het die medelijdend is voordat de mens zondigt ,alhoewel IK weet dat hij uiteindelijk zal zondigen.

2) Eeuwige: En IK ben het die medelijdend is nadat de mens zondigt en spijt betuigt.

3) G D: ook dit is een eigenschap van barmhartig zoals is gezegd : ” Mijn G D waarom heeft u mij verloochend?? ” iemand kan niet zeggen tot de eigenschap van strenge gerechtigheid : “Waarom heeft u mij verloochend ??”.

4) Die barmhartig is: HIJ is met barmhartigheid met de armen ; m.a.w. als je de armen en zwakken minacht , minacht je mij ook.

5) En Genadig: HIJ is genadig naar de rijken.

6) Lankmoedig: HIJ is geduldig en niet snel met het vorderen van vergelding, in de hoop dat de schuldige spijt betuigd.

7) Vol van liefde: Hij handelt met liefdevolle goedheid naar diegene die gebrek hebben aan verdienste.

8) En waarheid: Hij eert en beloont die zijn wil vervullen.

9) Die liefde blijft betonen tot in het duizendste geslacht: HIJ beschermd de liefdevolle goedheid welke een persoon doet voor HEM tot in het duizendste geslacht, zelf tot het tweeduizendste.

10) Die misdaad : verdraagzaamheid ten aanzien van overtredingen welke mensen begaan opzettelijk.

11) Schuld : HIJ draagt de ongerechtigheid die een persoon begaat in een opwelling van opstandigheid.

12) En zonden vergeeft: HIJ draagt zonden die niet moedwillig zijn bega
an.

13) Maar niet geheel en al ongestraft laat: HIJ zal zuiveren diegene die spijt betuigen, maar zal niet zuiveren die verzuimen spijt te betuigen.

De dertien Goddelijke eigenschappen worden alleen gezegd in een Minjan, een gemeenschap van tenminste tien mannen.

Geef een reactie